Tien mythes over veganisme die je waarschijnlijk gelooft.

door | aug 30, 2018 | Veganisme | 0 Reacties

veganismeHoi. Ik ben een veganist. Zo’n eng mens met dreads en broccoli die jou wel eens even komt vertellen wat je allemaal verkeerd doet. Of toch niet? Er zijn best veel mensen die veganisme maar raar en een beetje bedreigend vinden dus wil ik vandaag een paar mythes doorprikken.

Stiekem vind ik het dan wel leuk als je me verteld hoeveel jij er geloofde. Voor het lezen van mijn stukje of misschien wel voordat je zelf veganist werd. Ik zal wel beginnen. Jaren en jaren geleden dacht ik dat veganisten nare mensen waren omdat de ene veganist die ik ooit had meegemaakt best wel een rotwijf was. Schaam ik me nu wel een beetje voor. Niet dat ik haar een rotwijf vond, dat was ze namelijk gewoon. Ik schaam me dat ik een hele groep beoordeelde op een enkel lid.

Mythe 1: Veganisten eten alleen maar sla.

Eeeeehhh, nee dus. Niets mis met sla hoor, ik hou wel van een goede salade maar ik eet nog veel meer. Hier is een stukje wat ik er ooit over schreef. Korte versie: veganisten eten van alles, net als jij.

Kijk, er zijn meerdere vormen van veganisme. Je kan raw eten en dan zal de een of andere vorm van een salade wel vaak voorkomen ja. Ik eet zelf eigenlijk heel gewoon. Lasagne, aardappels, stukje vleesvervanger, boterham. Dat soort dingen. Tegenwoordig is er voor vrijwel elk dierlijk product een kant en klare vervanger in de supermarkt. Dus de recepten blijven hetzelfde alleen de ingrediënten niet.

Mythe 2: Veganisten zijn ongezond.

Trillend kruipen we door de straten, bleek en zwak, op zoek naar een appel of zelfs een banaan. Te moe om de supermarkt te bereiken kruipen we samen om wat lichaamswarmte en het laatste spruitje te delen.

Oké, die is flauw. Spuitjes deel je niet, veel te klein. Oh, en veganisten zijn niet ongezond. Echt niet. We hebben gemiddeld genomen een wat lager BMI (vertel dat eens aan mijn weegschaal) maar in een maatschappij met overgewicht is dat geen nadeel. Je wordt niet ongezond van groeten en fruit, denk maar aan wat je moeder zei toen je vroeger je boontjes niet wou eten.

Er zijn wat interessante onderzoeken die zelfs beweren dat een plantaardig dieet voordelen heeft voor je gezondheid. Ik merk dat ook in mijn omgeving. Zeer onwetenschappelijk uiteraard maar iedereen die ik de overstap heb zien maken vaart daar wel bij. Minder klachten, meer energie. Dat soort dingen.

Wel even een disclaimer: de gemiddelde veganist is net zo gezond of zelfs gezonder dan de gemiddelde carnist. Dat zegt niets over een individu. Als ik op patat, cola en vegan ijs ga leven word ik ziek.

Mythe 3: Veganisme is duur.

Ook dat is een enorme generalisatie. Veganisme kan duur zijn ja, of heel goedkoop. Het hangt er maar vanaf hoe je het invult. Als je elke dag biologische aardbeien en de meest luxe vleesvervanger wil eten dan kost dat wat. Aan de andere kant, als je elke dag kaviaar en wagyu koe wegkaant moet je ook een dikke portemonnee hebben.

De basis ingrediënten van een plantaardig dieet zijn juist goedkoop. Aardappels, rijst, groente, fruit en bonen. Daar kom je een heel eind mee. Ik heb er graag een lekker stukje proteïne bij of plantaardige kaas op brood. Voor mij prima betaalbaar. Er is een versie van veganisme voor elk budget.

Dat gezegd hebbende, als je het goedkoopst mogelijke dieet samenstelt wat nog wel gezond is, kom je op een plantaardig menu. De eerder genoemde rijst, groeten, fruit en bonen.

Mythe 4: Veganisme is moeilijk.

Nee…maar ja…maar nee…maar ergens ook weer wel. Lastig. Snap ik. Ik ga mijn best doen om het uit te leggen aan de hand van mijn persoonlijke verhaal.

De beslissing om veganist te worden was makkelijk. Er klikte iets in mijn hoofd en er was geen weg meer terug. Simpel.

Toen ik opstond en mij veganist verklaarde (ja, zo ging het echt) werd het even moeilijk. Ik had geen idee wat ik dan kon eten en hoe ik een hoop andere dingen moest oplossen. Zoals schoenen en uit eten gaan. De eerste keer boodschappen doen was vreselijk! Ineens moest ik alle labels bestuderen.

Later raakte ik er aan gewend. Ik had een groep gelijkgestemden om me heen en steeds meer plantaardige producten kon ik gewoon bij de supermarkt halen. Eigenlijk is dat waar ik nu ben. Mijn boodschappen komen bij de Jumbo vandaan en desgewenst schud ik zo een appeltaart uit mijn mouw. Makkelijk dus.

Maar toch ook weer moeilijk. Niet wat mijn eigen leven betreft maar dat van de mensen om me heen. Het is moeilijk om het leed te zien en er niet op te reageren. Als je een koe eenmaal als waardevol individu ziet dan zijn het lijken die in de supermarkt liggen.

Nog erger zijn de carnisten waar ik van hou. Om geliefde mensen iets te zien doen waarvan je weet dat het immoreel is, is moeilijk. Je leert er mee omgaan, sluit je er deels voor af maar het blijft soms zwaar.

Mythe 5: Veganisten komen proteïne tekort.

Uuuuuuhhhhggggggg…! Deze is zo oud!

Hoe ziet een proteïne tekort er uit? Hoe test je dat? Bestaat de behandeling uit een hamburger? Dat je het niet weet zegt iets over hoe vaak het voorkomt. Het is vrijwel onmogelijk om te weinig proteïne binnen te krijgen als je wel voldoende calorieën eet. Al zou je dieet bestaan uit broccoli en bananen (wat ik niet aanraad) krijg je nog zat proteïne binnen.

Het idee achter de mythe is dat proteïne alleen in vlees zit, dus als je dat niet eet dan kom je te kort. Niets van waar. Ja, op zich zit het spul in vlees. Komt omdat die biefstuk vroeger een spier was van een ander en proteïne is waar spieren van gebouwd worden. Maar hoe denk je dat die koe er aan kwam?

Proteïne zit in vrijwel alles wat we eten. Tenzij je een bodybuilder bent (wat ook prima kan als veganist) hoef je niet bij te houden hoeveel je binnen krijgt. Met een min of meer gezond en gevarieerd dieet krijg je zat, echt waar.

Mythe 6: Veganisten komen ijzer tekort.

Want uiteraard komt ijzer alleen voor in de lichamen van andere dieren (nogmaals, hoe denk je dat die koe er aan komt) en zien die arme planteneters allemaal bleek van het ijzertekort.

Je moet me het sarcasme maar een beetje vergeven. Ik bedoel er niets mee. Het is soms sterker dan ik en komt naar buiten. (Zal wel door het ijzertekort komen.) (Sorrie! Daar gebeurde het weer!)

Oké, we hadden het over ijzer. Wist je dat dat een stuk beter opgenomen wordt in combinatie met vitamine C? Wist je ook dat vitamine C toch vooral in planten zit, dus dat een planteneter een stuk vaker de goede combinatie binnen krijgt?

Er is wel een dingetje met heemijzer (wat alleen in dieren zit) en non-heemijzer (wat zowel in dieren als planten zit). Wij veganisten krijgen dus geen heemijzer binnen en dat neemt je lichaam net even wat beter op. Paniek! Paniek! Veganisten moeten dus meer ijzer eten!

Nou….het is dan ook weer zo dat zuivelproducten de opname van ijzer behoorlijk remmen. Je weet wel, de kaas bij je burger, de saus over je steak en dat witte spul in je glas? Als je dan het hogere vitamine C gehalte van een plantaardig dieet erbij pakt denk ik dat de veganisten wel veilig zitten.

Mythe 7: Veganisten komen B12 tekort.

Kan ja. Een B12 tekort komt nog wel eens voor. Het heeft alleen niet zoveel met veganisme te maken.

Kort lesje: B12 wordt gemaakt door anaerobe bacteriën die in de grond en in de darmen van sommige dieren (grazers vooral) leven. Het verzameld zich in de lijven van dieren en zit daarmee ook in hun uitscheidingen (zoals melk en eieren). Daar komt dus het idee vandaan dat die arme veganisten tekort komen omdat ze geen B12 rijke karkassen eten.

Er was een tijd dat een wortel uit de grond kwam en niet uit de supermarkt. Dat was ook de tijd voor keukens en zo, dus werd die wortel direct uit de grond opgegeten. Met een beetje aarde er aan. Waarschijnlijk is dat ooit de manier geweest voor vroege mensen om aan hun B12 te komen.

Nu doen we dat niet meer en is het belangrijk om een supplementje te nemen. Doen die grazers tegenwoordig ook. Die staan niet meer zo vaak te grazen namelijk, dus hebben ze zelf ook een B12 tekort. Dan krijgen ze maar een spuitje zo af en toe. Heel vriendelijk van die boer, zo krijgt degene die de koe ooit eet ook een supplement maar dan via het lijf van een ander.

Lang verhaal kort; je moet gewoon af en toe een pilletje met B12 nemen, dan is er niets aan de hand. De meeste veganisten zijn daar goed van op de hoogte en laten hun bloedwaardes ook nog eens regelmatig checken. Hoeveel carnisten zouden dat doen, denk je?

Mythe 8: Soja is slecht voor je.

Soja is als vlees, ei en melk vervanger heel erg handig en daarom ook steeds meer populair. Helaas komen met die populariteit ook allerlei wilde verhalen. Je krijgt er borsten van ook als je die niet wilt en kindjes gaan er raar van ontwikkelen. Dat komt allemaal omdat er fyto-oestrogenen (of isoflavonen) in zitten. Dat klinkt als oestrogeen en zal dus wel slecht voor je zijn.

Valt allemaal wel mee. Hier wordt het wat beter uitgelegd maar even kort heeft soja juist een regulerende werking op oestrogeen. Positief regulerend dus.

Weet je waar wel echt oestrogeen in zit? Vlees en melk. Vlees is namelijk ooit onderdeel geweest van een dier wat net als jij hormonen gebruikt om lichaamsfuncties te reguleren. Wat wij meestal kort “melk” noemen is eigenlijk de moedermelk van een koe die recent bevallen is. Vol hormonen, waaronder oestrogeen, die bedoeld zijn om een kalfje te helpen groeien. Ben jij een kalfje?

Verder zijn er wat studies geweest die paniek zaaiden maar ondertussen allang weer achterhaald zijn. Soja is prima gezond en best een heel handig ingrediënt. Eet je het min of meer puur (denk, tofu en tempeh) dan zitten er zelfs behoorlijke voordelen aan. De bewerkte vormen (denk, soja toetjes) zijn niet specifiek gezond of ongezond door de soja, daar moet je meer op de toegevoegde suiker letten.

Volgende verhaal is dat soja dan bijna altijd genetisch bewerkt is en voor ontbossing zorgt. Dat klopt wel maar dan hebben we het over de soja die gebruikt wordt als veevoer. Je weet wel, dat spul wat jouw eten eet. (Als je carnist bent dan.) De soja die wij direct consumeren is vrijwel nooit GMO (dat moet in Europa op de verpakking staan) en bij de grote merken vrijwel altijd duurzaam verbouwd.

Mythe 9: Als veganist kan je nooit meer uit eten.

Dat was er dus eentje die ik zelf geloofde. Ik was bereid om het hele uit-eten verhaal op te geven en voor altijd met een zelf meegebrachte pastasalade te slepen. Viel gelukkig heel erg mee.

Er zijn steeds meer horeca gelegenheden die een of meerdere vegan opties hebben. Eigenlijk is er in elke stad wel iets, zeker bij de grote ketens. Ook merk ik dat de meeste koks best willen meewerken als je het van te voren vraagt. Het is wisselend wat je voor je neus krijgt, soms heb je het beste eten van de groep maar het is ook voorgekomen dat ik een bord lauwwarme sla zonder dressing voor mijn neus kreeg. Kwestie van een noodgevallen reep in je tas hebben en om patat vragen. Gaat prima.

Overigens kan je op deze site makkelijk veganistische opties in jouw buurt vinden. Kijk maar eens, het zijn er vast meer dan je denkt.

Ook dacht ik dat eten bij vrienden wel afgelopen zou zijn. Ik kon toch niet van ze vragen om plantaardig te koken!? Dat was snel afgelopen toen ik bedacht dat ik het zelf geen enkel probleem vind om rekening te houden met mijn gasten. Elke goede vriend zal een beetje moeite voor je willen doen, zeker als je helpt met suggesties of samen kookt.

Mythe 10: Veganisme is een trend.

Net als Sonja Bakkeren, paleo en volgens je bloedgroep eten zou veganisme een hip dieet zijn wat over een paar jaar weer vergeten is.

Nope.

Veganisme is een een manier van zijn, het gaat veel verder dan wat je eet of niet, het is een moreel kompas. Puur en simpel het idee om geen andere levende wezens te ge- en misbruiken voor ons genot of gemak. Dat is geen trend, dat is de toekomst.

 

Verder lezen?

Tien vragen die iedereen durft te stellen aan de ouders van veganistische kinderen. 

Eet een veganist ook zoetigheid? 

print

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Hooikoorts 2020Hooikoorts 2020

Ik lees:

Onderwerpen

Het Archief