Waarom mijn zonen onbesneden zijn.

Ik heb twee zoons en die zijn onbesneden. Omdat ik het niet ok vind om op cosmetische basis delen van mijn kinderen af te hakken.

Zo, dat was het. Kort blog vandaag. Moet ook wel eens kunnen toch?

Religieuze redenen.

Ja maar je bent Joods! Dan hoort het er nu eenmaal bij. Alle Joodse jongens zijn besneden!

…..Zucht..ok. Een moment. Ik leg het uit.

Ja, ik ben Joods. En ja, het is in het Joodse geloof gebruikelijk om jongens te besnijden. Net zoals het binnen een paar andere geloven gebruikelijk is. Uiteraard zijn niet alle Joodse jongens besneden, ik ken er persoonlijk twee.

Er zijn in het verleden heel veel dingen gedaan uit naam van een religie die we nu niet meer ok vinden. Dat heet vooruitgang en ik ben er erg blij mee. Zo kan ik mijn hoofd onbedekt laten, raak ik vrijelijk mensen aan als ik ongesteld ben en wordt ik gelukkig niet gestenigd omdat ik kleding draag van twee verschillende stoffen.

Er waren ooit, in een ver verleden, een paar hygiënische en sociale voordelen aan besnijden. Maar als die redenen ooit al genoeg waren, nu is het onzin geworden. Het enige wat overblijft is het beeld van een opperwezen wat boos wordt als je het niet doet. Niets van wat ik ooit meegemaakt heb of geloof leidt mij er toe dat er een hogere macht is die wil dat ik de penis van mijn zoon vermink.

Geloof het of niet, ik ben vrij religieus. Ik heb een band met onze schepper en voel me een onderdeel van het Joodse volk. Maar dat betekend niet dat ik elke regel die volgens de geruchten ooit ´van boven´is gekomen ga volgen. Als mijn schepper mij gemaakt heeft, dan is dat inclusief het vermogen om zelf te beslissen wat juist is. Het vermogen om te groeien en te veranderen, ook als spiritueel wezen.

Medische redenen.

Besneden mannen krijgen ander minder snel HIV, ze zijn schoner en houden het langer vol in bed. Het heeft ook voordelen hoor!

Er is hier sprake van een enorme confirmation bias. Een cultuur die aan besnijden doet zal heel gemotiveerd zijn om daar voordelen van te vinden. Laten we even naar elk zogenaamd voordeel apart kijken.

Het is een mythe dat besneden mannen minder snel HIV krijgen. Maar stel nu dat het wel zo zou zijn. We hebben het dan over een lichaamsdeel afhakken om een paar procenten bescherming te verwerven. Iets wat een condoom veel en veel beter kan. Je weet wel, condooms, die dingen die goedkoop zijn en je zo weer af kan doen en niets te maken hebben met het verminken van piepkleine baby penissen!

Een besneden piemel is niet schoner, een schone piemel is schoon. Punt uit. Zo kan je ook wel de nagels uit baby vingertjes gaat trekken omdat er misschien vuil onder kan zitten.

Een besneden eikel is wel ongevoeliger. Dat klopt. En wie er ooit bedacht heeft dat het ongevoelig maken van een prachtig en sensitief lichaamsdeel een voordeel is mag van mij poep eten ofzo. Iedereen die ooit seks heeft gehad met een piemeldragend persoon weet dat gevoeligheid leuk is. Het is snotverdomme de basis van goede seks! Dat argument mag lekker zelf besneden worden!

Zijn we er nu? Mag ik nu ophouden? Het lijkt me nu toch wel door en door duidelijk.

First, do no harm.

Ja, maar het kan ook geen kwaad. Zo’n babietje voelt er niets van, soms slapen ze er zelfs doorheen!

Wacht even….wacht eens heel even…Ik moet even rustig worden. Tel ff tot tien ofzo terwijl ik tegen een deur ga schoppen.

…………..

Ok. Het gaat weer.

Hoe iemand er ooit bijkomt dat het geen kwaad kan om een van de meest gevoelige stukjes huid die een mens heeft er bij een baby of kind af te snijden….ik heb geen idee. Echt.

Wist je dat de voorhuid en de eikel aan elkaar vast zitten bij een kind? Wist je dat die bij een besnijdenis van elkaar af gescheurd worden? En dat is nog voor het snijden.

Bovenstaande is als alles goed gaat….wat het uiteraard niet altijd gaat. Dit is de minst shockerende pagina die ik kon vinden. Er staan geen foto’s, alleen korte beschrijvingen.

Wat betreft het erdoorheen slapen. Dat is geen slaap. Dat is shock of een freeze reactie op een enorme hoeveelheid stress. Het is zelfbescherming.

Er zijn filmpjes op internet te vinden waar je een besnijdenis ziet. Ik ga geen link geven, dat betekend namelijk dat het filmpje gaat spelen en dat kan ik niet aan. Google het op eigen risico en kom me dan vertellen of het geen kwaad kan.

Vrouwen.

En weet je, nu we hier toch zijn, wil ik het ook even over vrouwen besnijdenis hebben.

Ja, maar dat is echt iets heel anders! Je kan die twee dingen niet met elkaar vergelijken hoor. Bij vrouwen is het echt veel erger.

Nou, nee, niet altijd.

En begrijp me niet verkeerd, ik probeer absoluut niets af te doen aan de verschrikking die vrouwenbesnijdenis is. Ik probeer te zeggen dat er wat interessante vergelijkingen zijn.

Ten eerste zijn er verschillende vormen van vrouwenbesnijdenis en mannenbesnijdenis. Ik vind elke vorm verkeerd, maar er is absoluut een verschil tussen het wegsnijden van de uitwendige clitoris en een sneetje maken in een schaamlip. Net zoals er een verschil is tussen het in tweeën splitsen van de eikel met een roestig mes en het gebruik van de Plastibell procedure.

We hebben de neiging om de ergste vorm van vrouwenbesnijdenis te vergelijken met de minst erge vorm van de mannelijke tegenhanger. Dat klopt niet.

Maar nu de interessante vergelijkingen. Het valt namelijk op dat de redenen en voordelen die genoemd worden voor een mannenbesnijdenis exact dezelfde zijn als die worden aangevoerd bij culturen die hun vrouwen besnijden! Toch vinden wij in Nederland de een verwerpelijk en de ander acceptabel. En dat klopt niet.

Mijn huis is een kinderhuis.

Ik heb geen designer huis. In geen enkele hoedanigheid zou een tijdschift over interieuren ooit een reportage doen over mijn huis. Nou ja, misschien als voorbeeld hoe het niet moet.

Er staan wel wat leuke meubels hoor. En de muren zijn ooit heel kek geverfd. Maar er ligt ook een hoop rommel en over die kekke verf staan best veel kinderkrassen.

Ik heb een kinderhuis. Een huis waar alles wasbaar, afneembaar of heel makkelijk te vervangen is.

Ik heb maar heel weinig breekbare spullen en vrijwel niets giftigs in huis. Die ene fles bleek staat zo hoog, dat ik op een kruk moet staan om er bij te kunnen.

Soms ben ik wel eens in hele mooie huizen. Dan kijk ik wat jaloers in het rond. Zo’n hippe kast, waar dan drie welgeplaatste beeldjes in staan, dat wil ik ook wel. Mijn kast staat prop en prop vol. Het is niet dat ik geen mooi huis kan waarderen. Ik kom best graag in mooie huizen.

Toch ben ik blij met mijn kinderhuis. Het is nooit echt opgeruimd, het speelgoed puilt uit de lades. Maar er kan ook eigenlijk niets verkeerd gaan.

Met enige regelmaat zijn er meer dan mijn eigen drie kinderen in huis. Dan trekken ze de hele boel overhoop. Dan rennen ze door de woonkamer. Dan spelen ze met de potten en de pannen in de keuken. En dat is ok.

Dat is het leuke van mijn kinderhuis. Er is maar heel weinig wat niet mag. Op het bed mag gesprongen, de vloer mag vuil. Er is eigenlijk niets wat echt niet vies mag worden. De bank is van hout en plaid. Het kleed stoot vocht af en was niet duur. Peuters rennen lekker billenbloot rond. Ongelukjes zijn sneller opgeruimd dan ik een luier kan verschonen.

Als dan aan het einde van de dag alle kindjes in hun eigen huis zijn, dan ben ik zo trots op mijn kinderhuis. Wat opruimen, afnemen en stofzuigen en alles ziet er weer uit zoals het hoort.

Geen designer die er blij van wordt, maar ik wel.

Ooit, als de kinderen groot zijn, dan wil ik een mooi huis. Met leuke retro meubels en alles op een slimme plek. De verzameling aardewerk die nu goed verstopt staat mag dan in een hippe vitrine. Kan ik er even van genieten.

Totdat ik, met wat geluk, oma wordt. Want zo heel stiekem verheug ik me er al op. Een kleinkinderhuis.

Bestaat ADHD eigenlijk wel?

ADHD, steeds meer kinderen krijgen het label. Ik heb het zelf, twee van mijn kinderen ook. Toch gaan er steeds meer stemmen op die zeggen dat het eigenlijk helemaal niet bestaat.

Dit is mijn mening. Ik ben geen arts, geen expert en geen psycholoog. Ik ben wel erg geïnformeerd en ervaringsdeskundige.

Bestaat ADHD? Kort antwoord: Nee. Lang antwoord: Nee, maar ergens ook wel, maar eigenlijk niet. Ik weet dat dat niet erg duidelijk is, geef me even om het uit te leggen.
Er bestaan absoluut kinderen die niet functioneren in de omstandigheden waarin we ze plaatsen. We verwachten een hoop van onze kroost en doen dat ook nog eens onder niet echt optimale omstandigheden. Hoeveel kinderen groeien er op in een gebroken gezin of zijn meer op de opvang dan thuis?

Als ik een tijd enorm moet presteren onder kutomstandigheden dan zie je dat in mijn gedrag. Ik wordt boos, snel afgeleid en slaap slecht (wat weer een hoop andere ellende met zich mee brengt). Mijn prestaties worden dan snel minder.

Klinkt bekend hè…..

School als opvoeding.

In het leven van een kind is school zo’n beetje het grootste ding wat speelt. Op school zijn er een hoop eisen waar je aan moet voldoen. Stilzitten en opletten bijvoorbeeld. Maar ook de stof leren in het tempo en volgens de methode die is bepaald. Sommige kinderen kunnen dat prima, maar best veel ook niet. Verder worden de klassen steeds groter, zijn docenten onderbetaald en na het passend onderwijs heeft de juf een hoop meer te doen. De mazen van het net worden groter en groter en steeds meer kinderen vallen er doorheen.

Eenmaal gevallen begint het circus van gesprekken, rapporten en onderzoeken die uiteraard tot diagnoses lijden. En hoewel het aangetoond is dat ADHD medicatie geen effect heeft op de schoolprestaties op de lange termijn (ja, je las het goed, het heeft geen effect) is het wel heel makkelijk om er een pil in te stoppen. Het creatieve kind wat niet stil kon zitten blijft nu braaf op de plek en de docent kan rustig verder gaan.

Begrijp me niet verkeerd, er zijn echt geweldige docenten, ik ken er een paar. Mensen die echt alles over hebben voor de kinderen die ze lesgeven, die graag wat extra moeite doen. Maar dat zijn de uitzonderingen in een systeem wat kinderen en volwassenen bijna onherroepelijk wegzet als defect en alleen te repareren met een pil.

Opvoeding thuis doen dan maar?

Na school zijn meer en meer kinderen nog steeds niet klaar. Moe gewerkt worden ze losgelaten bij de naschoolse opvang. Ook dat kunnen echt wel leuke plekken zijn, maar het is niet thuis, niet veilig. De frustraties van de dag kunnen er niet uit.

Maar ja, thuisblijfouders worden door de politiek uitgekotst. Schuld aan de maatschappij enzo. Daarbij is het voor de meeste gezinnen financieel niet eens haalbaar. Dus is er geen keuze en begint de thuisopvoeding voor heel veel kinderen pas om zes uur. Samen aan tafel voor een haastige maaltijd, komen uiteraard de frustraties er dan wèl uit, dus van gezelligheid geen sprake. Na het eten zijn ook de ouders uitgeteld en gaat iedereen zo snel mogelijk naar bed om het hele circus morgen te herhalen. Liefde moet wachten tot het weekend.

Ik weet ook wel dat ik het wat scherp stel hier. Maar het ligt maar al te vaak heel dicht bij de waarheid. De rust en acceptatie die een kind nodig heeft om de schooldag te verwerken is er gewoon niet.

De verdwenen natuur.

Natuur is belangrijk voor ons. Niet alleen omdat we per dag een hoop van het spul moeten eten, ook om in te zijn. Het ontbreken ervan heeft een verwoestend effect op onze geest.

Vroeger kwamen kinderen bijna dagelijks buiten, in het bos of op het veld. Nu gebeurt dat amper meer. Wie woont er nu nog zo dichtbij een stuk groen, dat de kinderen daar zelf heen kunnen? Ik probeer vaak met ze te gaan, het helpt enorm, maar ook bij mij is tijd schaars. Een of twee klusjes die na schooltijd moeten en er zit al een spaak in het wiel.

Kinderen die spelen op betonnen speelplaatsen. Ouders die boos worden als ze onder de modder terug komen. Ik word er zo droevig van.

En het resultaat is?

Vind je het dan zo gek dat er kinderen zijn die dat niet volhouden? Die wanhopig proberen om aan de verwachtingen te voldoen, om elke keer teleurgesteld te falen? Of kinderen die, boos op de hele wereld, het niet eens meer proberen en agressie tonen.

Er zijn absoluut kinderen met een probleem. Het doet zo’n pijn om tegen een wanhopige ouder te zeggen dat haar kind, wat niet meer bereikbaar is en de wereld heeft afgewezen, een verzonnen diagnose heeft.

Het verschil zit hem in de oorzaak. Niet het kind is ziek, het systeem waarin we kinderen opvoeden. Daar zou de diagnose eigenlijk moeten liggen.

Niet voor niets blijkt ADHD niet voor te komen bij inheemse stammen. Waar kinderen hun eigen dag kunnen bepalen en voornamelijk buiten zijn, zie je geen van de gedragsproblemen die zo vaak voorkomen in onze maatschappij.

Mijn eigen kinderen.

Ha! Maar nu heb ik je! Je hebt zelf kinderen met een diagnose! Hartstikke hypocriet van je!

Ja, dat is zo. Mijn kinderen hebben ADHD. Als ik vertel hoe groot de druk is op ouders om er medicatie in te stoppen, dat spreek ik uit ervaring. Niet gedaan overigens, die medicatie.

Maar waarom dan wel de diagnose? Omdat, en nu komen we echt bij de rotte kern van deze ellende, ik mijn kind dus ziek, stuk, gehandycapt moet laten verklaren voordat hij en de docent de begeleiding krijgen die ze nodig hebben.

Er is niets mis met mijn jongens. Thuis is er echt geen enkel probleem. Ze zijn leuk, creatief, grappig en heel, heel liefdevol. Maar op school gaat het niet zo denderend. Dat hele stilzitten en opletten hè.

Thuis kunnen we uren spenderen aan het uitzoeken hoe de afwasmachine werkt. Beide jongens hebben een onverzadigbare drang om te leren en ontdekken. Beide zijn intelligent (ja, dat is getest) en zeer geïnteresseerd in vrijwel alles.

Maar zo werkt school niet. School leert geen techniek via afwasmachines, geen geografie via hun lievelingsdier, geen antropologie via Google Earth. En leren lezen doen ze niet uit de Donald Duck.

Na een flinke strijd zitten ze nu op een goede school. Weet je nog dat ik goede docenten ken? Daar zitten er een paar. Maar ook die school is gebonden aan protocollen. Mijn oudste heeft extra begeleiding nodig om in het school systeem te functioneren, dus moet hij een label, dan komt er geld vrij.

En is dat niet de wereld op zijn kop? School is ziek, maar ik moet verdedigen waarom ik geen pil in mijn kind wil. Bah!

Gaan feminisme en moederschap samen?

Een feministische moeder lijkt soms een contradictio in terminis. Met name in de tweede feministische golf leefde het idee dat vrouwen bevrijd moeten van het juk der moederschap. De pil en powersuits gaven ons de mogelijkheid om ons mannelijke kracht eigen te maken. Is het dan wel mogelijk om kinderen te krijgen en toch vast te houden aan je idealen?

Kort antwoord: ja natuurlijk. Als alle feministen uit de jaren 70 geen kinderen hadden gekregen dan was de beweging toch snel uitgestorven.

Maar eigenlijk ligt de vraag wat dieper, zit er meer nuance aan. Het gaat er om of het beeld van de huiselijke moeder, die haarzelf volledig of grotendeels aan de zorg voor haar kroost wijdt, verenigd kan worden met het beeld van de krachtige, onafhankelijke vrouw. En om het alvast lekker duidelijk te maken; ik vind dat dat prima kan.

Kan het beeld van de huiselijke moeder verenigd worden met de krachtige, onafhankelijke vrouw?

Mannen nadoen.

Het feminisme van onze moeders had een specifieke stijl. Omdat mannen tot dan toe de maatschappelijke macht hadden, werden hun trekken overgenomen. Zo ook, ten dele, de ‘mannelijke’ kijk op ouderschap. Kinderen zijn leuk, maar gaan niet ten koste van een carrière.

Begrijp me niet verkeerd. Dat was een belangrijke tijd. Veel van onze vrijheden zijn toen bevochten en ik ben deze vrouwen zeer dankbaar. Ik snap ook volledig waarom ze hun activisme zo hebben ingevuld. Toch is daarmee wel iets opgeofferd. Een uniek, vrouwelijke kracht is tijdelijk verloren gegaan. Nu is het moment om die terug te claimen.

De truttige feminist.

Het moge absoluut, overduidelijk zijn dat ik een feminist ben. Ik ben zelfs vrij activistisch in mijn overtuigingen. Toch is de moeder rol heel belangrijk in mijn leven. Ik werk niet buitenshuis en ik ben de voornamelijke verzorger van mijn kinderen. Voor mij zijn die twee rollen heel verenigbaar.

Hoewel er absoluut niets mis is met een moeder die full time buitenshuis werkt, vind ik ook absoluut niets mis met de moeder die bij haar kinderen is. De moeder die thuis is, boterhammen smeert, kinderen baart, draagt en voedt, De truttige, vaak zelfs hippie achtige, moeder.

Even een grappig zijpaadje: Als een thuisblijf vader zich feminist noemt, vinden we dat allemaal heel gaaf. In vrijwel elke feministische kring wordt zo’n man op handen gedragen. Een vent die zorgt, heerlijk! (En dat is het ook hoor, daar niet van.)

Doet een vrouw hetzelfde, dan wordt er behoorlijk vaak op haar neer gekeken. Dan is het ineens de mindere keuze. Is dat niet gek? (Of gewoon diep triest?)

Ouderschap als zware taak.

Even voorbij mannen en vrouwen. Zorgen voor de volgende generatie is gewoon een prachtige, zware en ontzettend belangrijke taak. Onderzoek heeft uitgewezen dat te veel kinderopvang schadelijk is. Dat kinderen zoveel mogelijk bij hun ouders horen. Ik zie totaal niet hoe het uitvoeren van die taak, door wie dat ook gebeurt, in strijd moet zijn met het ideaal van gelijke maatschappelijke behandeling.

Ik zie om me heen dat er een nieuw soort ouder opstaat. De feministische moeder. Een vrouw die vanuit kracht, liefde en zorg voor het moederschap kiest. Een vrouw die zich niet wil laten wegzetten, maar er voor kiest om niet mee te doen aan de patriarchale wereld van snelle carrières. En dat is niet verkeerd, dat is niet zwak, dat is juist nu ontzettend sterk!

Vrouwen nadoen.

Ik snap waarom we, om ons te bevrijden, een tijdje lang onze vrouwelijke kracht opzij moesten zetten. Waarom onze moeders kozen voor een mannelijke aanpak. Maar we zijn nu verder, we vechten nu op een ander terrein. Nu mag de weg vrij voor de vrouwelijke feminist. Voor jurken en melkige borsten, voor draagdoeken en eindeloze boterhammen.

Wij zijn de nieuwe strijdsters. En de definitie van vrouwelijkheid is zo veel groter geworden. Er is ruimte voor schoudervullingen, maar ook voor een voedings-bh.

Scheren met suiker.

Effe een lekker oppervlakkig blogje hoor. Mag ook wel eens. Dat schrijft en leest lekker weg.

Ok, scheren dus. Iets wat veel mensen met regelmaat doen, maar de meeste huiden eigenlijk best wel rot vinden. Dus wordt je huid boos op je en neemt wraak met rode bultjes, jeuk en pijn. (Wahahahaha! Dat zal je leren!)

En ik weet dat er mensen zijn die zonder enige moeite dat mes over hun huid ratsen. En dan echt nooooooit bultjes hebben. Dat zijn meestal van die mensen die vervelend genoeg ook nog eens heel aardig zijn, zodat je niet eens lekker boos op ze kan worden omdat hun leven echt zoveel makkelijker is dan jouw jeukgevulde bestaan.

Aaaaaannnyway. Scheren dus. Toen ik nog dagelijks voorovergebogen in een badpak voor tientallen ouders mocht optreden was dat echt wel een puntje in mijn leven. Ik kan je zeggen, het chloorwater helpt ook niet. Dus heb ik flink wat trucjes en methodes uitgeprobeerd om mijn huid een beetje blij (en haarloos) te houden.

Mijn oplossing? Suiker. Ja echt. Suiker en olie. Geen geintje, voor mij werkt het als een tierelier. (wat dus echt niet wil zeggen dat ik nooit meer van die bultjes heb, maar het is wel 90% minder)

Wat je doet: pak een kom en doe daar suiker in (hoeveel? Eeeeehhh, twee handjes vol ofzo. Het hangt ervan af hoeveel je haarloos wilt hebben en hoe jouw haar is.). Dan gooi je er olie bij tot de suiker onder staat. (Ik vind olijfolie prima, maar het maakt echt niet veel uit. Wil je dure argan olie uit een klooster in tibet gebruiken, doe je ding.)

Het resultaat meng je even door elkaar, extra punten als je er ook wat etherische geur olie bij doet. (Maar geen munt of citroen achtige dingen. Echt niet doen, je doos wordt heel boos.)

Voor het gemak pak je nog een kom en daar doe je wat afwasmiddel in. Dan loop je naar de douche.

Pak je suikerspul en scrub je daar goed mee in. Alles wat je haarloos wilt krijgt een stevige schuurbeurt. Dan spoel je af. Resultaat: nu ben je heel vettig.

Dat vet is je glijmiddel voor je scheermesje. Geen scheerzeep nodig dus. Je zal merken dat er al snel veel vieze prut op je mesje komt. Kijk maar eens goed, dat ben jij. Je haren en vieze, oude, dode huidcellen. Bah!

Om je mesje schoon te maken gebruik je het kommetje met afwasmiddel sop. Anders slibt de boel dicht en werkt het niet meer.

Dat is het! Na deze behandeling heb je een zachte en meteen verzorgde huid die minder boos is dan na scheerzeep. Laat de overgebleven olie lekker op je huid zitten, is goed voor je. Vergeet niet om de douche even schoon te maken, anders glijd de volgende gebruiker echt heel spectaculair uit.

Oh, en als je de gelukkige bezitter van een vagina bent, zorg dat je echt alle suiker er goed uit spoelt, anders krijg je weer een heel ander soort jeuk.

Nog even voor alle duidelijkheid: dit is voor die mensen die zin hebben om zich te scheren. Hou je niet van haarloos, dan doe je het lekker niet. Net zo makkelijk. (Of eigenlijk nog veel makkelijker.)

Dus in afwachting van mooi zomerweer zeg ik alvast; scheer em!

Wie doet het huishouden?

Huishouden moet in elk huis gebeuren. Maar door wie eigenlijk? Is onze traditionele taakverdeling wel eerlijk verdeeld?

Wat doet de oppas?

Soms ga ik wel eens iets doen zonder mijn kinderen (Ik weet…choquerend). Als officier Pappa niet thuis is betekent dat een oppas. We hebben een hele leuke, ik heb nog op haar gepast toen zij klein was.

Ik verwacht van mijn oppas dat ze voor mijn kinderen zorgt en dat ze het ook nog een beetje leuk voor ze maakt. Verder niets eigenlijk. Ik vind het heel normaal dat ik thuiskom en er overal speelgoed ligt. De oppas is er niet om huishoudelijke taken te doen.

Op een kinderdagverblijf wordt er voor kinderen gezorgd. De leidsters ruimen aan het eind van de dag op, maar ze staan niet te dweilen en te poetsen tussen de kinderen door.

Ergens beseffen we dus dat het zorgen voor kinderen een baan op zich is. Schoonmaken is een compleet andere taak.

Hoe verdelen we het thuis?

Dan de thuisblijvende ouder. Daar liggen de verwachtingen heel anders. Uiteraard moet er iets met de kinderen. Ze moeten er leuk uitzien, er moet voedsel in en ze moeten gestimuleerd. Afhankelijk van leeftijd moeten ze naar plekken gebracht en gehaald.

Maar dat huis moet ook schoon, de was moet gedaan, de afwas afgewassen. Traditioneel behoort het huishouden ook tot de taak van de thuisblijvende ouder. En daar wringt bij mij de schoen.

Kijk, praktisch gezien moeten er nu eenmaal dingen gedaan en kunnen de meeste mensen geen schoonmaker en kok betalen. Iemand moet het doen. Maar die iemand is, mijns inziens dus niet by default degene die ook voor de kinderen zorgt. Want die is voor die kinderen aan het zorgen!

Hoeveel FTE’s zijn dat?

Ik weet ook uit ervaring dat buitenshuis werken zwaar is. Echt wel. Maar uitzonderingen daargelaten doet niemand meer dan 1 fte. Dan kom je thuis en wil je klaar zijn.

Maarrrrrr! Thuis gebeurt er ook wat. Ervan uit gaande dat 1 fte 38 uur per week is zien de taken er in een gezin als volgt uit:

  • Zorgen voor de kinderen: 4.4 fte (24/7, bij kleine kinderen)
  • Huishoudelijke taken: 0.7 fte (beetje een gok)
  • Werk buitenshuis: 1 fte (uitgaande van 1 salaris. Kan uiteraard ook meer zijn)

Totaal gebeurt er dus voor 6.1 fte aan werk. Dat betekend dat je dus gewoon minstens 6 volwassenen nodig hebt om een gezin een beetje lekker te laten draaien!

Maar goed, snap je dat ik de verdeling waarbij de ene partner 1 fte draait en de andere er 5 eeeenigzins scheef vindt?

Maar hoe moet het dan?

Natuurlijk is dat nogal scherp gesteld. Eenmaal thuis zorgt de werkende ouder ook voor de kinderen en zal ook vast wel weten waar de afwasmachine staat. Maar het blijft vaak scheef. Er blijft die verwachting van een spic en span huis bij thuiskomst.

Een echte oplossing heb ik niet. Of ja, toch wel. Weer in stamverband leven. Grappig genoeg zijn 6 volwassenen precies wat je krijgt als je de grootouders erbij betrekt.

In onze huidige maatschappij leven we vaak apart, je zal het vaak met het nucleaire gezin moeten doen. Dus wat dan?

Nou een beetje begrip bijvoorbeeld. Dat helpt al heel erg. Waar beide ouders een aantal dagen werken en thuis zijn is dat er meestal vanzelf, maar zeker in gezinnen waar de een buiten en de ander binnen werkt, schort het er aan.

Tijd voor verandering.

Die was die blijft liggen is echt niet omdat ik lui ben. Dat is omdat ik geen tijd had. De kinderen staan niet uit na acht uur werk en de meeste maaltijden vallen buiten kantoortijd.

Ik weet hoe zwaar dit is. Het is niet leuk, het is niet eerlijk. Het zou echt anders moeten, maar het is nu eenmaal zo.

Na generaties van moeders die doodongelukkig en overspannen zijn, is het tijd om het anders te doen.

Een baan kan echt zwaar zijn. De ouder die elke ochtend het huis uit stapt maakt echt een opoffering. Maar degene die thuis blijft ook. Dat is ook werk, en dat houdt niet op om vijf uur.

Het is tijd dat we het anders zien. Dat we ons bewust zijn van de ongelijke verdeling en dat we degene die thuis blijft eens wat meer gaan waarderen.

Dus lieve werkende ouder: als je thuis komt, pak een kop koffie en ga er tegenaan. Of op zijn aller, allerminst, geef een compliment aan degene die je kinderen toch weer een dag in leven heeft gehouden.

 

De dokter weet raad! Maar is dat wel zo?

Als er iets mis is met je auto, dan ga je naar de garage. Want daar is een monteur en die heeft verstand van motoren enzo. Ik niet, ik weet amper hoe een auto werkt. Dus vertrouw ik op de kennis van de monteur.

Als er iets mis is met je lijf, dan ga je naar de dokter. Want die heeft verstand van lijven…. Of niet?

Ja en nee. Een arts heeft heel lang en heel goed gestudeerd op het gemiddelde lijf. Ook weet een arts heel veel van gemiddelde ziektebeelden en wat daar dan gemiddeld de beste behandeling voor is. Punt is dat de meeste mensen geen gemiddelde zijn.

Er zijn veel verschillende dingen die er mis kunnen zijn met ons lijf. Die uiten zich in nog veel meer symptomen. Eenmaal een diagnose gesteld hangen daar ook nog eens meerdere behandelmethodes aan vast. En om het allemaal echt leuk te maken, veranderd de hele boel ook nog eens constant. Koppel dat aan een zorgsysteem wat amper tijd geeft voor individuele aandacht en presto! er zijn protocollen geboren.

Wat is protocollaire zorg?

Een protocol is een soort stroomschema. Bij symptoom A en B, stellen we eerst diagnose C, om dat te behandelen met medicijn D. Werkt dat niet, dan volgen andere opties.

Een groot, log, langzaam en onpersoonlijk systeem waarbij de arts heel veel te vertellen heeft en de patiënt stil dient te zijn.

Maaaarrrrr!!! De dokter weet toch wel wat ie doet? Die protocollen zijn er met een reden en ze hebben heel lang gestudeerd en ze hebben echt wel het beste met je voor hoor!

Nou…dat valt dus een beetje tegen. Er zijn veel voorbeelden van zorg die volgens protocol wordt toegepast, maar allang achterhaald is. Het wordt gedaan “omdat we het altijd zo doen” of “omdat het voor de artsen prettiger is”.

Een paar voorbeelden.

Neem de barende vrouw. Sowieso een beetje mijn stokpaardje. Is ze eenmaal naar het ziekenhuis gedirigeerd, dan wordt ze meestal aangesloten op het CTG . Een geweldig apparaat dat je precies verteld hoe het met de baby is….of niet?

Het is helemaal niet bewezen dat het gebruik van CTG bij een baring voordeel heeft voor moeder of kind, integendeel. Hier staat een overzicht van meerdere onderzoeken, maar dit artikel leest wat lekkerder weg. Even kort samengevat: het enige wat een CTG doet is zorgen voor meer onnodige interventies, die komen met hun eigen set risico’s. Onder de streep doet het dus meer kwaad dan goed. Dit weten we al heel lang, tientallen jaren, en toch bevallen er nu, op dit moment, vrouwen in ziekenhuizen door heel de westerse wereld aan zo’n apparaat.

Wil je er nog een? Wat dacht je van de richtlijn excessief huilen? Even heel kort: als je baby teveel huilt moet je die inbakeren, RRR toepassen en dan maar laten huilen tot het vanzelf stopt. Lukt het je zelf niet om je kind zo te mishandelen, dan kan het ziekenhuis het voor je doen, met een opname. Kan je lekker bijslapen.

Er is heel veel onderzoek wat heel duidelijk aantoont dat dit soort praktijken schadelijk zijn. Dat kinderen het best gedijen in contact, fysiek en emotioneel. Maar ik moet de eerste arts die een draagdoek voorschrijft nog tegenkomen.

Nog niet overtuigd? Lees dit eens….is een flink stuk, weet ik. Lees even het eerste stuk. 146 Medische handelingen die toegepast worden, maar niets doen of de patiënt zieker maken. Een klein voorbeeld:

Four articles called into question the drug aprotinin, which was widely used in cardiac surgery but found to increase mortality

Dat geloof je toch niet! Een medicijn geven waar mensen dood aan gaan! Er is onderzoek, maar we gaan er lekker mee door!

Gebruik je hersenen.

Maar ja, wat moet je dan? Zo af en toe heb je medische hulp nodig en die artsen kunnen heel overtuigend overkomen.

Use your BRAINS! Een ezelsbruggetje wat je kan helpen een beslissing te maken:

B: Benefit. Wat is het voordeel van deze behandeling?

R: Risk. Wat zijn de risico’s (In echte cijfers graag)

A: Alternatives. Wat zijn de alternatieven?

I: Intuition. Wat zegt mijn intuïtie? Hoe voel ik me bij deze behandeling?

N: Nothing. Wat gebeurt er als we niets doen? Hebben we tijd om even te wachten?

S: ‘Scuse me. Ik ga hier even over nadenken, je hoort nog van me.

Stel deze vragen niet alleen aan degene die voor je zit, maar ook aan jezelf. Google even, trek er een uurtje voor uit. Kennis is zo makkelijk te vinden nu. Wordt je eigen expert!

En kijk eens op social media. Ik ben een enorme fan van de Facebook groepen. Er is er eentje voor elke mogelijke voorkeur of aandoening. Daar kan je je vraag stellen en ervaringsverhalen krijgen.

Op de barricades.

Ik ben van de stellige mening dat artsen en ander medisch personeel een adviserende functie hebben. Net als de aannemer die je inhuurt voor je badkamer. Ze vertellen je over de mogelijkheden, de voor- en nadelen, maar jij beslist waar je de badkuip wil.

Uiteraard zijn veel artsen het niet met mij eens. Het is mogelijk het meest patriarchale beroep wat er is.  Ik ben zelf behoorlijk vaak schofterig behandeld, omdat ik vind dat ik wat te zeggen heb over mijn eigen lijf. Het zal wel even duren voordat er verandering komt.

Maar juist nu ik de ‘oude garde’ in opstand zie komen, voel ik de frisse wind waaien. We hebben het ergste nog niet gehad, maar wel bijna. De barricades liggen in de spreekkamer.

Jouw lijf, jouw verantwoordelijkheid, jouw keuze!

 

 

 

 

Moeders mogen geen seks hebben.

Iets waar ik me echt helemaal dood aan kan irriteren. Dat opgelegde, seksloze image van moeders.

Om een kind te verwekken weet iedereen wat je moet doen, maar als je er eenmaal een hebt is het uit met de pret en aan met de degelijke voedingsbeha.

Elk product gericht op moeders is er van doordrenkt. Elk voorbeeld in de media draagt de boodschap uit: moeders zijn geen seksuele wezens meer! Die tijd behoort nu achter je te liggen. Je hebt je wilde jaren gehad. Nu mag je in je besmeurde yoga broek macaroni voeren aan een onwillige peuter. Wee je gebeente als je de norm uitdaagt, dan ben je ontaard.

Sexy zwanger.

Het begint al bij de zwangerschap. Nog niet zo lang geleden werd het elke vrouw na een paar maanden ontraad om nog toe te geven aan de huwelijkse plicht. Niet omdat daar nou een reden voor was, meer omdat geen arts zich kon voorstellen dat er überhaupt nog iemand zin had om bovenop zo’n hoogzwanger wijf te klimmen.

Persoonlijk vind ik seks tijdens de zwangerschap heerlijk. Een nieuwe gevoeligheid en allemaal nieuwe standjes om te ontdekken. Ik had hele prettige, diepe orgasmes.

Ook kan ik me met zo’n buik heel sexy voelen. Maar daar wordt flink op neer gekeken. Uitgaan, dansen, je uitdagend kleden, dat kan eeeeecht niet hoor! En dan de ultieme zonde; hoogzwanger flirten. Moet je eens proberen, echt, je krijgt blikken, dat geloof je niet.

Enneee..heb je wel eens spannende zwangerschapskleding gezien? Ik niet. Romantisch, degelijk, praktisch, zelfs netjes en stijlvol. Het is er allemaal, maar sexy…nope.

Seks en de dansvloer.

Helemaal vreselijk wordt het als de baby eenmaal geboren is. Op forums en aan artsen wordt de vraag gesteld “wanneer mag ik weer seks hebben?”

Gatverdamme wat kan ik daar pissig om worden. Wanneer mág ik weer seks hebben? Mens! Je bent volwassen, je hebt seks als jij en je partner daar zin in hebben. Je voelt echt wel aan je eigen doos wanneer ze er weer klaar voor is.

Oh en over uitgaan gesproken. Vrijwel elke keer als het me lukt om eens uit te gaan, word me gevraagd waar mijn kinderen dan nu zijn. In de garderobe, nou goed! Met die vraag wordt heel duidelijk gemaakt dat ik hier eigenlijk niet hoor, tussen de feestvierende mensen. Uitgaan is seksualiteit pur sang. Mooie kleren, zweterig dansen op een lekkere beat. Niemand heeft me ooit gevraagd waar de kinderen nu zijn als ik in de supermarkt sta.

Een ander venijnig puntje…ik moet de eerste vader nog horen die deze vraag heeft gekregen….maar ik zal mijn feministische mond verder dicht houden.

De luie daad.

Natuurlijk veranderd er een hoop als je eenmaal moeder bent. Officier Pappa en ik hadden het laatst nog over de zaterdagmiddagen waarop we uuuuuren in bed lagen. Elke keer stellig bewerend dat we zo toch echt iets nuttigs gaan doen, om dan toch weer lekker te gaan vozen. Dat kan nu niet meer. Als we nu op bed gaan liggen komt er een peuter bij. Nu vozen we op zaterdagmiddag wat sneller, tijdens het middagdutje. En dat heeft ook wel wat. Seks als een gestolen moment, stil en een beetje stiekem. Meteen to the piont en af en toe op het kleed tussen de duplo.

Maar weet je, daar gaat het niet eens om. Of je nu de daad wel of niet doet, qua uitstraling heb je afgedaan. Het idee dat moeders de vrouw met baby in de zomer een kort rokje draagt. Zie je het voor je? Een lekker uitdagend geklede vrouw met een kind er bij? Dan zie je vast ook meteen het oordeel wat haar volgt. Want dat kan eeeeecht niet hoor.

Laat staan de moeder van oudere kinderen. Daar worden hele tv programma’s over gemaakt. Dat die vrouwen zich toch maar naar hun leeftijd moeten kleden enzo. Op het schoolplein is dan ook weinig spannends te zien.

Seksloos mag ook.

En nu even voor alle duidelijkheid; het móet niet hè. Er zit geen verplichting op. Aan de andere kant verwachten dat vrouwen tot in het absurde een seksuele functie vervullen is ook weer onzin. Beetje jaren 50 gedoe.

Ik heb er gewoon een probleem mee dat het bijna niet kán. Er zijn geen voorbeelden in de media, geen producten voor de sexy moeder. Er is geen platform voor die vrouwen die zich toevallig wel aantrekkelijk voelen in de moeder-fase.

Dus bij deze maak ik ruimte. Voor de wulpse moeder, de spannende moeder, de -ik-heb-gewoon-zin moeder. Ik vind je leuk, ik vind je mooi, ik vind dat je er absoluut mag zijn.

Komende zomer trekken we de rokjes weer uit de kast. Leuke kousjes aan, kind mee en op naar het schoolplein. Lekker flaneren.

Over brave kinderen en zelfstandige volwassenen.

Niet zo lang geleden en niet zo ver hier vandaan praatte ik eens met een groep kinderen. Eigenlijk was ik de juf en stonden we in een zwembad, maar zo af en toe zijn kleine gesprekjes, mijns inziens, noodzakelijk om de band te smeden waar vanuit je les kan geven.

Er werd mij gevraagd wat voor soort kinderen ik leuk vind. “Ik hou van brutale kinderen.” verklaarde ik. Grote ogen. “Eeeecht??” “Ja, echt. Ik hou van brutale kinderen.”

Het stille jongetje van de groep, niet degene die de vraag stelde, kreeg glimmende oogjes. De rest van de les, en alle lessen daarna, durfde hij een beetje brutaal te zijn. Genoeg om te zeggen wat hij wel en niet durfde. Genoeg om een bommetje te maken in het diepe.

Brutale kinderen.

Een uitspraak waarmee ik iedereen doodgooi is:

Je kan brave, makkelijke kinderen hebben, òf kritische, zelfstandige volwassenen, maar niet allebei.

En daar sta ik achter. Het is best raar, dat we van kinderen wensen dat ze gehoorzaam zijn, niet terug praten, leiding accepteren en stil zijn. Om dan vervolgens te verwachten dat ze opgroeien in volwassenen die initiatief nemen, voor zichzelf op komen, leiding geven en voor groepen spreken.

Mijn kinderen zijn niet braaf, ze zijn eigenlijk best brutaal. Ze geven hun mening, ook aan mij en zeker als ze het niet met me eens zijn. Ze zijn regelmatig luid en druk. Ze verzinnen hun eigen spel en durven ruimte te claimen.

Ik ben er wel eens van beschuldigd dat ze losgeslagen zijn. Daar ben ik het niet mee eens. Ze zijn namelijk niet agressief, gevaarlijk of grenzeloos. Ze kunnen iets niet leuk vinden, en dat laten weten ook, maar als ik vertel dat het echt niet kan en de reden uitleg, dan wordt dat geaccepteerd. (Soort van, voor vijf minuten, om dan met nieuwe argumenten te komen)

We leven nu in een samenleving waarin hetzelfde gedrag wat wordt gewaardeerd in volwassenen, bij kinderen wordt gezien als losgeslagen.

Brave kinderen.

Dat de kinderen van de Dolle Moeder nogal wild zijn is….nou ja, oorzaak en gevolg zullen we maar zeggen. Maar er bestaan ook kinderen die van nature ‘braaf’ zijn. (Wat een naar woord eigenlijk..braaf..alsof je het over een hond hebt. Het impliceert controle, misschien zelfs eigenaarschap.)

Er zijn ook volwassenen die van nature liever volgen, liever stil zijn. En dat is maar goed ook. Als we met z’n allen als een stel alfa wolven tegen elkaar op gaan bieden krijgen we niets gedaan.

Dus wat doe je als je zo’n kind hebt? Nou…eeehhh…naar het strand ofzo? Duplo bouwen als het regent? Waar je maar zin in hebt eigenlijk.

Een kind wat van nature volgt is uiteraard niet verkeerd, we moeten niet doorslaan in de andere richting.

Net zoals je het luide kind aanmoedigt om soms te luisteren kan je het stille kind de ruimte geven om te spreken. Verder zou het zo leuk zijn als kinderen hun eigen karakter kunnen ontdekken, zonder dat daar een volwassene lekker vormend staat te zijn.

Vrouwen.

Het ‘brave kind syndroom’ (zojuist verzonnen. Goed hè. Ga ik straks de geschiedenis in als de ontdekker van een syndroom. Zou er ook een Dolle Moeder syndroom zijn?) treft vrouwen buitenproportioneel harder dan mannen. Jongetjes mogen, in de ogen van de maatschappij, nog enigszins wild doen. Boys will be boys enzo.

Maar meisjes, jaaaa, meisjes. Die moeten stilzitten, met strikjes in hun haar en schone rokjes aan.

Ik ken zo ontzettend veel vrouwen die niet durven. Niet durven spreken, argumenteren, boos doen, een mening hebben, die gewoon snotverdomme niet eens durven zíjn! En ik snap best waarom.

Weet je al los te komen van je kinderlijke inprenting (wat dus echt niet makkelijk is), wordt je, eenmaal wat luider, weggezet als “losgeslagen”, “emotioneel” (nee jij bent gewoon een gevoelsmatig dode lul!) of “irrationeel”. Lekker dan.

Maar goed, dat is een feministisch zijspoor. Even terug naar mijn originele stelling.

Zelfstandige volwassenen.

Eigenlijk is het heel makkelijk. Als je het idee hebt dat je opgegroeide spruiten beter af zijn met enige mate van zelfstandigheid dan begin je daarmee als ze nog kind zijn. Hoef je ook niet zoveel voor te doen. Zeer luie-ouder-vriendelijk. Kinderen ontdekken van nature hun eigen vaardigheden. Als je daar nu eens niet de hele tijd nee-roepend achteraan schuift, dan komt het wel goed. Ga maar op de bank zitten, pak een kop thee en laat dat kind toch lekker springen ofzo.

Zijn ze eenmaal iets ouder dan vraagt het wel wat meer diplomatieke vaardigheid. Dan gaan ze namelijk terug praten. En dan moet je iets doen wat je eigenlijk de hele dag door al naar andere volwassenen doet; luisteren. Niet dat “Ik heb nee gezegd dus het blijft nee” gedoe. Misschien hebben ze wel een heel goed argument. Effetjes overleggen, wie weet kom je op je standpunt terug. En als ze dan jaren later vertellen hoe ze hun manager tóch hebben omgepraat voor die loonsverhoging mag je innen. (ja…trots en hopelijk wat waardering, naar geld kan je fluiten)

En laat die oude tang van drie huizen verder maar lekker lullen. Het oordeel van anderen doet er niet toe. Geniet van je brutale, losgeslagen, opgroeiend voor galg en rad, maar toch vooral zelfstandige kinderen.

 

Lieve Vegetariër, eieren zijn ook zielig.

Vegetariër ben je, in veruit de meeste gevallen, omdat je het niet ok vind dat er dieren dood moeten zodat jij ze op kan eten. Ben ik het helemaal mee eens. Honderd punten, je mag door naar de volgende ronde.

Uiteraard kunnen er andere redenen zijn waarom je vega eet, maar vandaag wil ik me even richten op de eerste (en grootste) groep mensen. De ethisch vegetariër.

Ergens in je leven maakte je de keuze dat er niemand dood moet voor jouw honger. Punt is, en nu wil ik je heel voorzichtig uitdagen, dat je die filosofie niet helemaal doorvoert. Eigenlijk ben je nu halverwege. Dat is al een stuk verder dan de meeste mensen dus wat dat betreft hulde, maar je bent er nog niet.

Ja waar dan? Waar moet ik zijn? Wat is dan dat einddoel waarvan jij claimt dat ik nu pas halverwege ben?

Eigenlijk zei ik dat net al. Het idee dat er niemand dood moet ten bate van jou.

Kijk, de link is bij een biefstuk makkelijk gelegd. Dat stuk spier had die koe nodig, zonder functioneert ie niet zo goed meer. Die koe is dood. Dus vervang je dat met een omelet, of een kaasschnitzel. Lekker en makkelijk.

Probleem is dat er voor dat ei of dat stuk kaas ook iemand dood moest.

Volledige uitleg hier, en hier.

Even kort: een ei komt van een kip. Weten we allemaal wel. Hanen leggen geen eieren. Dus de broer van die kip die jouw ei heeft gelegd, moest dood. Haantjes zijn de eerste slachtoffers van de ei industrie. En dan heb ik het niet over zo’n beest met een kam en veren, nee, dit betreft kleine kuikentjes, die gele. Die dan levend worden versnipperd ofzo.

Kaas wordt gemaakt van melk. Eigenlijk is het hier hetzelfde verhaal. Melk wordt gemaakt door de koeien, stieren doen dat niet. De broertjes van jouw melkkoe moeten dood. De zoontjes van die koe overigens ook, want om melk te geven moeten er wel baby’s zijn.

Jamaaaarrrrrr! Dat is heel wat anders. Er hoeft niet voor elk pak melk of eieren een dier dood. 

Klopt. Maar het valt wel mee hoe anders dat is. Er hoeft ook geen koe dood voor elke gehaktbal. De vraag is dus waar de de grens trekt. Is het wel ok als er een half dier sterft voor jouw maal? Of een kwart? Welk deel dood dier is gerechtvaardigd?

Ik zeg dus geen. In elke tak van de dierenindustrie worden er dieren gedood. Kuikentjes voor een ei, kalfjes voor de melk, bijen voor hun honing, allemaal slachtoffers en allemaal onnodig.

Dus lieve vegetariërs, ik vraag je om je hart open te stellen. Niet alleen voor het volwassen dier, maar ook voor de kinderen die het bijproduct zijn. Ik wil je uitdagen om de waardes die je uitdraagt ook echt te volgen.