Over brave kinderen en zelfstandige volwassenen.

door | mrt 18, 2017 | feminisme, Opvoeden | 1 reactie

Niet zo lang geleden en niet zo ver hier vandaan praatte ik eens met een groep kinderen. Eigenlijk was ik de juf en stonden we in een zwembad, maar zo af en toe zijn kleine gesprekjes, mijns inziens, noodzakelijk om de band te smeden waar vanuit je les kan geven.

Er werd mij gevraagd wat voor soort kinderen ik leuk vind. “Ik hou van brutale kinderen.” verklaarde ik. Grote ogen. “Eeeecht??” “Ja, echt. Ik hou van brutale kinderen.”

Het stille jongetje van de groep, niet degene die de vraag stelde, kreeg glimmende oogjes. De rest van de les, en alle lessen daarna, durfde hij een beetje brutaal te zijn. Genoeg om te zeggen wat hij wel en niet durfde. Genoeg om een bommetje te maken in het diepe.

Brutale kinderen.

Een uitspraak waarmee ik iedereen doodgooi is:

Je kan brave, makkelijke kinderen hebben, òf kritische, zelfstandige volwassenen, maar niet allebei.

En daar sta ik achter. Het is best raar, dat we van kinderen wensen dat ze gehoorzaam zijn, niet terug praten, leiding accepteren en stil zijn. Om dan vervolgens te verwachten dat ze opgroeien in volwassenen die initiatief nemen, voor zichzelf op komen, leiding geven en voor groepen spreken.

Mijn kinderen zijn niet braaf, ze zijn eigenlijk best brutaal. Ze geven hun mening, ook aan mij en zeker als ze het niet met me eens zijn. Ze zijn regelmatig luid en druk. Ze verzinnen hun eigen spel en durven ruimte te claimen.

Ik ben er wel eens van beschuldigd dat ze losgeslagen zijn. Daar ben ik het niet mee eens. Ze zijn namelijk niet agressief, gevaarlijk of grenzeloos. Ze kunnen iets niet leuk vinden, en dat laten weten ook, maar als ik vertel dat het echt niet kan en de reden uitleg, dan wordt dat geaccepteerd. (Soort van, voor vijf minuten, om dan met nieuwe argumenten te komen)

We leven nu in een samenleving waarin hetzelfde gedrag wat wordt gewaardeerd in volwassenen, bij kinderen wordt gezien als losgeslagen.

Brave kinderen.

Dat de kinderen van de Dolle Moeder nogal wild zijn is….nou ja, oorzaak en gevolg zullen we maar zeggen. Maar er bestaan ook kinderen die van nature ‘braaf’ zijn. (Wat een naar woord eigenlijk..braaf..alsof je het over een hond hebt. Het impliceert controle, misschien zelfs eigenaarschap.)

Er zijn ook volwassenen die van nature liever volgen, liever stil zijn. En dat is maar goed ook. Als we met z’n allen als een stel alfa wolven tegen elkaar op gaan bieden krijgen we niets gedaan.

Dus wat doe je als je zo’n kind hebt? Nou…eeehhh…naar het strand ofzo? Duplo bouwen als het regent? Waar je maar zin in hebt eigenlijk.

Een kind wat van nature volgt is uiteraard niet verkeerd, we moeten niet doorslaan in de andere richting.

Net zoals je het luide kind aanmoedigt om soms te luisteren kan je het stille kind de ruimte geven om te spreken. Verder zou het zo leuk zijn als kinderen hun eigen karakter kunnen ontdekken, zonder dat daar een volwassene lekker vormend staat te zijn.

Vrouwen.

Het ‘brave kind syndroom’ (zojuist verzonnen. Goed hè. Ga ik straks de geschiedenis in als de ontdekker van een syndroom. Zou er ook een Dolle Moeder syndroom zijn?) treft vrouwen buitenproportioneel harder dan mannen. Jongetjes mogen, in de ogen van de maatschappij, nog enigszins wild doen. Boys will be boys enzo.

Maar meisjes, jaaaa, meisjes. Die moeten stilzitten, met strikjes in hun haar en schone rokjes aan.

Ik ken zo ontzettend veel vrouwen die niet durven. Niet durven spreken, argumenteren, boos doen, een mening hebben, die gewoon snotverdomme niet eens durven zíjn! En ik snap best waarom.

Weet je al los te komen van je kinderlijke inprenting (wat dus echt niet makkelijk is), wordt je, eenmaal wat luider, weggezet als “losgeslagen”, “emotioneel” (nee jij bent gewoon een gevoelsmatig dode lul!) of “irrationeel”. Lekker dan.

Maar goed, dat is een feministisch zijspoor. Even terug naar mijn originele stelling.

Zelfstandige volwassenen.

Eigenlijk is het heel makkelijk. Als je het idee hebt dat je opgegroeide spruiten beter af zijn met enige mate van zelfstandigheid dan begin je daarmee als ze nog kind zijn. Hoef je ook niet zoveel voor te doen. Zeer luie-ouder-vriendelijk. Kinderen ontdekken van nature hun eigen vaardigheden. Als je daar nu eens niet de hele tijd nee-roepend achteraan schuift, dan komt het wel goed. Ga maar op de bank zitten, pak een kop thee en laat dat kind toch lekker springen ofzo.

Zijn ze eenmaal iets ouder dan vraagt het wel wat meer diplomatieke vaardigheid. Dan gaan ze namelijk terug praten. En dan moet je iets doen wat je eigenlijk de hele dag door al naar andere volwassenen doet; luisteren. Niet dat “Ik heb nee gezegd dus het blijft nee” gedoe. Misschien hebben ze wel een heel goed argument. Effetjes overleggen, wie weet kom je op je standpunt terug. En als ze dan jaren later vertellen hoe ze hun manager tóch hebben omgepraat voor die loonsverhoging mag je innen. (ja…trots en hopelijk wat waardering, naar geld kan je fluiten)

En laat die oude tang van drie huizen verder maar lekker lullen. Het oordeel van anderen doet er niet toe. Geniet van je brutale, losgeslagen, opgroeiend voor galg en rad, maar toch vooral zelfstandige kinderen.

print

1 Reactie

  1. Sylvia Dym

    Mooi mooi mooi. Eens eens eens. Zo waar waar waar

    Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

ReizenReizen

Boekentip

Onderwerpen

Sport Banners

Het Archief

TuinTuin