Het is niet erg! Of hoe we de gevoelens van kinderen ontkennen.

Als je met enige regelmaat rond kinderen hangt hoor je af en toe de zin: “Het is niet erg.” Meestal voorafgegaan door iets wat in de ogen van dat kind wel degelijk erg is en gevolgd door een onzinnig advies als “gewoon weer opstaan.”

Dat is best wel stom gedrag eigenlijk. Ja, ik snap dat we het heel normaal vinden, maar stel je eens voor dat we het bij een volwassenen doen? Ooit gezien hoe we reageren als er iemand van zijn fiets af donderd? Dan staan we er allemaal bezorgd omheen.

Of stel je voor dat je je beste maatje belt om te klagen over die vervelende collega, en dat je dan te horen krijgt dat je “gewoon morgen weer naar je werk gaan, niets van aantrekken.” (In dat opgewekte rotstemmetje wat we reserveren voor kinderen.)

Dat doen we niet, of althans, dat doen we niet bij volwassenen.

Andere vormen.

Subtieler is het als we meningen en voorkeuren gaan ontkennen. Dat een kind aangeeft niet naar een afspraakje te willen. “Ja maar liefje, dat vond je vroeger wel leuk hoor. Ga nu maar, het zal vast wel meevallen.”

Als je daar over nadenkt is dat echt een hele onveilige opmerking. Wat we in essentie zeggen is dat hun gevoel naar een ander er niet toe doet. Dat ze niet op hun instincten mogen vertrouwen.

Ook heb je de:

“Dit vind je wel lekker”

“Het wordt vast leuk”

“Je hoeft niet bang te zijn” (Dat is echt zo’n klassieker.)

“Dit zou jij leuk moeten vinden”

“Ja maar daar hou je toch van”

Allemaal manieren om over de gevoelens en beleving van een kind heen te praten. Allemaal dingen die echt totaal onacceptabel zijn om bij volwassenen te doen. (Ja, totdat je echt goed oud bent, dan mag het schijnbaar weer wel.)

Wat dan wel?

Maar wat zeg je dan wel? Hoe krijg je dan je kroost zover dat ze vrolijk doen wat jij bedacht hebt?

Nou…niet dus.

Soms is het wel erg, en dat mag dan ook best gezegd worden. Je krijgt echt geen kleinzerig kind als je na een val iets zegt als “Och lieverd, ik zag dat je viel. Kan ik je helpen?” Maar heel misschien krijg je er wel een kind met wat empathie van. Kunnen we wel wat meer van gebruiken, als samenleving.

En om het rijtje maar af te gaan, wat dacht je van:

“Ik zou het leuk vinden als je het proeft.”

“Kan je me vertellen wat je niet leuk vindt? Misschien kunnen we samen een oplossing vinden.”

“Dat kan inderdaad best spannend zijn, vroeger was ik ook wel eens bang.”

“Zullen we dan iets anders vinden wat je wel leuk vindt?”

“Sorry, wist niet dat jouw smaak weer veranderd was. Zullen we een oplossing verzinnen?”

Laatste tip.

Even een uitsmijter. Waar ik dan wel weer voorstander van ben is na een valpartij even wachten met reageren, twee tellen maar. Kleine kinderen doen namelijk iets heel handigs. Als ze schrikken kijken ze meteen naar het gezicht van de meest vertrouwde volwassene. Daar zien ze hoe ze ‘behoren’ te reageren.

Oftewel, als de peuter haar teen stoot en jij kijkt meteen alsof je de ambulance gaat bellen, ja, dan gaat de sirene af. (flauw!) Blijf je kalm en zo neutraal mogelijk, dan heeft de gewonde peuter de kans om zelf even te bedenken wat ze er eigenlijk van vinden. En dan ga je rustig en empathisch om met die reactie.

print

1 Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *