Boek: Over giraffen, jakhalzen en geweldloze communicatie.

Een paar maanden geleden was ik eens op een beurs. Misschien ken je ze wel, van die beurzen voor hippie ouders. Met workshops, lezingen en zalen vol stands waar je meer geld kan uitgeven dan je van te voren had afgesproken. Nu is dat vrij standaard voor een beurs, maar hier ging het dan om stands met draagdoeken (die je dan zo lekker kan voelen), lezingen over attachement parenting en onder ander een workshop over geweldloze communicatie.

En vooral dat laatste trok me wel. Ik had er al over gehoord en het is zeker een vlak waarin ik wat ontwikkeling kan gebruiken. (Vooral ‘s ochtends..als we haast hebben…en er weer eens een schoen kwijt is. Beetje zoals dit.)

Dus zit ik daar braaf op te letten tijdens de uitleg en kocht ik zelfs achteraf het boek. Grappig genoeg niet eens een dik boek, vrij dun zelfs. Ik was sceptisch dat zo’n nieuw concept in zo weinig pagina’s behandeld kon worden.

Overigens, het gaat om dit boek. De Giraf en de Jakhals in ons, door Justine Mol. En daar wil ik dus vandaag een recensie over schrijven. Voor de duidelijkheid; als je via de link (deze link) het boek besteld dan kost het jou niets meer en krijg ik er een paar centen voor. En dat is handig, want dan kan ik pannenkoeken maken voor mijn kinderen. Doe het voor de pannenkoeken.

Het boek.

Mevrouw Mol legt ons uit (via een leuk beeldend verhaal) dat wij allemaal een giraf en een jakhals in ons hebben. De giraf is rustig, liefdevol, begripvol. De giraf vertaald en begrijpt en heeft geduld. De jakhals is het tegenovergestelde. Hij komt voor ons op, wordt boos, maakt heel duidelijk waar je grenzen liggen en hoe je gevoel zit.

De truc, zo wordt ons uitgelegd, is beide kanten de ruimte geven. Je kan niet alleen een giraf zijn en van alleen jakhalzen wordt iedereen ongelukkig. Het is luisteren naar de agressieve kant door een filter van de geduldige kant.

Mol neemt ons mee in voorbeelden waar het soms wel of juist niet handig is om een bepaalde kant naar voren te roepen. Ook krijg je een hoop praktisch tips om met je giraf en jakhals om te gaan. Het boek leest vlot, wordt niet saai (wat mij te vaak gebeurt in zelfhulp boeken) maar weet wel de benodigde informatie over te brengen. En daar ben ik nog best van onder de indruk.

Mijn favoriete stuk is waar je wordt aangeleerd om een situatie van vier kanten te bekijken. De buitengekeerde jakhals (het oordeel wat je hoort van een ander), de binnengekeerde jakhals (het oordeel wat je hebt over jezelf), de binnengekeerde giraf (begrip hebben voor jezelf) en de buitengekeerde giraf (je verplaatsen in de ander).

Ja, dat is in het begin echt ontzettend langzaam en onhandig. Ik oefen nu vooral nog bij online gesprekken, omdat je daar makkelijk tijd kan nemen om te antwoorden. Maar het gaat steeds sneller en het idee is dat je het uiteindelijk vanzelf doet.

Mijn mening.

Mocht het nog niet duidelijk zijn, ik ben best enthousiast over dit boek. Het heeft absoluut een ‘zweverige’ inslag in de zin dat het gevoelens een stem geeft. Maar de werkwijze is heel praktisch en de toepasbaarheid is groot. In mijn eerste onhandige pogingen merk ik al dat je veel meer tot elkaar komt, in plaats van te verzanden in een “welles-nietes” strijd.

De verschillende aspecten van een mens zo simpel uitbeelden (met twee dieren) lijkt in eerste instantie bijna kinderlijk. Maar het mooie van kinderlijke concepten is dat we het allemaal snappen. Jip en Janneke taal, zeg maar.

Ken je de uitspraak dat als je iets niet uit kan leggen aan een zesjarige, je het concept eigenlijk zelf niet snapt? Justine Mol snapt waar ze het over heeft en weet het in duidelijke taal uit te leggen.

Het enige wat ik echt niet voor mekaar krijg is midden in een ruzie mijn handen op mijn hoofd te leggen en “giraffenoren” te maken. Ik kan me echt helemaal voorstellen dat een conflict dan snel ontaard in gegiechel, maar mijn trots staat me nog wat in de weg. (Om eerlijk te zijn, ze suggereert dat met je handen even in een andere kamer te doen, maar nog steeds zie ik mijn boze zelf niet zo zitten.) Ik heb duidelijk nog wel wat te leren, maar uiteindelijk ben ik ook nog maar een baby girafje, dus wie weet wat nog komt.

Hoe dan ook, ik vind het een aanrader die je zo wegleest en waar je nog wat aan hebt ook.

Enthousiast geworden? Hier kan je bestellen. Giraf ze! (Maar vergeet je jakhals niet.)

10 Mythes over slaap en kinderen, deel 2.

Zo, na een week wachten is hier eindelijk deel twee. Mocht je het eerste deel gemist hebben, begin dan hier met lezen, anders val je er zo middenin. Maar goed, bij deze dus; die volgende vijf mythes over kinderen en slaap. Dit keer gaat er zelfs eentje over jou! (Spoiler, de laatste.)

6, Een kind hoort van zeven tot zeven te slapen.

Er gaan van die tabelletjes rond waarin je mooi kan opzoeken hoe veel en hoe laat je kind hoort te slapen. Heel Hollands is van zeven uur ‘s avonds tot zeven uur ‘s ochtends. En dan het liefst aan één stuk uiteraard.

Ook hier gaan we totaal voorbij aan de individualiteit van elk mens en de verschillende behoeften van elk gezin. Niemand roept dat elke volwassene om tien uur naar bed hoort te gaan en om zes uur op moet. De een is een nachtuil en de ander een ochtendmens. Grappig genoeg werken kleine mensjes ook zo.

Daarbij zou het bij ons wel erg jammer zijn als de koters strak om zeven uur op stok liggen. Officier Pappa komt vaak pas rond die tijd thuis. Dan zien ze hem dus alleen in het weekend. (Wie is toch die man die op zondag altijd de tofu komt snijden?) Niet heel bevorderlijk voor de band en zo.

Hoewel je ook best kan zeggen hoeveel slaap iemand ongeveer nodig heeft, is dat ook maar een gemiddelde. Het ene kind heeft met een jaar echt wel zestien uur slaap nodig, maar het andere kan met een uur of twaalf af. Dat scheelt zo maar een flinke dut. Nergens is er enig bewijs dat die slaap zich tussen hele specifieke uren moet afspelen. Zolang het grootste deel ergens in de nacht gebeurt mag er flink wat variatie in zitten.

7, Na een bepaalde tijd heeft een kind geen voeding meer nodig in de nacht.

Ook weer zo eentje die neerkomt op doorslapen. In het begin hebben alle baby’s nachtvoedingen nodig, maar weer zijn er allerlei mensen die je zeggen wanneer dat nu eens over moet zijn. Als je langer dan een bepaald aantal weken of maanden je kind in de nacht van melk voorziet doe je het verkeerd. Dat kind houdt je voor de gek en je moet als ouder nu maar eens duidelijk gaan maken dat jij wel even bepaald wat hun lichaam nodig heeft.

Echt, hoe meer van dit soort onzin ik opschrijf hoe sarcastischer ik word. Kan ik niets aan doen, het is sarcasme of huilen en tranen zijn niet goed voor mijn toetsenbord.

Een kind kan om verschillende redenen wakker worden ‘s nachts. Zeker met borstvoeding koppel je ze eigenlijk automatisch aan. Maar stel nu dat je kleintje wakker wordt omdat het koud is, is het dan verkeerd om er een tepel bij te houden?

Nou, nee dus. Het mooie van borstvoeding is dat een kind zelf de controle houdt en dat het meerdere functies naast voeding heeft. Een hongerige spruit zal flink drinken, maar een koter met koude voeten wat minder. Het kind dat van diepe naar ondiepe slaap navigeert neemt misschien een enkel slokje en valt weer weg. Je mag er gewoon op vertrouwen dat je kleintje zelf weet wat ze nodig heeft en dat ook zelf regelt. Als ze vol zitten kan je duwen wat je wilt, maar die tepel komt er echt niet in hoor.

Er is ook geen bepaalde leeftijd waarop ze ‘s nachts geen honger meer hebben. Dat verschilt gewoon enorm per kind en per fase waar ze in zitten. Die ontwikkeling is nu eenmaal niet voorspelbaar en zeker niet lineair. Maar ik beloof je dat het helemaal vanzelf gaat. Geen puber die nog nachtvoedingen wil.

Ik ben me er erg van bewust dat ik het nu niet over fleskinderen heb. Hoewel ik weet dat ook die kinderen op hun eigen tempo ontwikkelen en verschillende behoeften hebben, weet ik gewoon niet hoe dat dan moet met een fles. Maar ook daar denk ik dat je niet een enkele regel kan maken die voor iedereen geldt.

8, Een papfles helpt met doorslapen.

Dit is de laatste over doorslapen. (Beloofd.) Het idee dat als je een baby vlak voor het slapen gaan heel vol propt met zware voeding ze dan langer stil blijven. Zodra er enige wallen onder je ogen verschijnen (en dat is enigszins onvermijdelijk) komt dit advies je van alle kanten tegemoet. Iedereen lijkt het er over eens, er wordt zelfs reclame voor gemaakt (van die pyjamapapje onzin) dus dan moet het wel waar zijn toch?

Eeehhhhhhhuuuuhhhhuhuh…nee.

Ten eerste even het boerenverstand er bij. Heb je zelf wel eens een grote maaltijd te laat in de avond gegeten? Weet je nog hoe je in bed lag? Niet echt lekker he? Onrustige nacht, last van je maag en rare dromen. Het toeval wil dat baby’s en peuters best wel op jou lijken, we zijn immers allemaal mensen. Hele grote kans dat ook een klein mens niet lekker slaapt op een volgepropte maag.

Niet overtuigd? Boerenverstand niet genoeg voor je? Ik geef je groot gelijk. Bij deze dan een stukje wetenschap…en nog wat, en hier nog een. Oh, en een leuk artikel wat het samenvat. Geen zin om wetenschappelijke lectuur door te pluizen? Komt hier de samenvatting: het maakt geen donder uit wat je een kind voert, ze worden ongeveer even vaak wakker ‘s nachts. De enige verschillen zijn dat moeders die exclusief borstvoeding geven gemiddeld 40 minuten meer slaap krijgen in een nacht en dat kinderen die overdag en in de avond vol gepropt worden een groter risico op obesitas hebben. (Goh…hoe zou dat nu komen?)

9, Een kind moet op een stille kamer slapen.

Sssssssttt! De baby slaapt! (Op harde fluistertoon lezen.)

Het idee is hier dat een baby op een geluid (en soms ook licht) dichte kamer hoort te liggen en het hele huis er omheen moet sluipen. Het minste geluidje maakt de kleine wakker.

Het valse van deze mythe is dat ie zichzelf waarmaakt. Als je een kind leert onder stille omstandigheden te slapen, wordt het vanzelf nodig. Maar van nature hebben baby’s echt geen stilte nodig om te slapen. Sterker nog, dat werkt averechts. In de buik was het ook niet stil. Een moederlijf maakt een hoop geluid en een zwangere vrouw gaat niet op de slaapkamer zitten zodra de baby even niet schopt. Er is geen enkele reden dat dat aan de andere kant van de vagina ineens anders moet.

Natuurlijk kan een kind schrikken van een plots hard geluid. Maar zal ik je eens wat verklappen, waar ze wakker van worden is vrijwel altijd jouw reactie op het geluid, niet het lawaai zelf. (Ja, er zijn uitzonderingen. Nee, dat zijn er niet zo veel als je denkt.) Als je het voor elkaar krijgt om geen schrik reactie te vertonen, blijft de kleine meestal door tukken.

Bekende geluiden zijn prettig, een soort white noise. Het gezin wat draait, stemmen die rustig praten, verkeer terwijl je buiten loopt. De meeste kinderen slapen er juist goed op. Als je je baby vanaf het begin gewoon tussen de dagelijkse geluiden laat slapen geef je ze zelfs een heel mooi kado mee. Als volwassene kunnen ze dan ook door luide buren en toeterende auto’s heen slapen, en daar ben ik best jaloers op.

10, Je hebt acht uur ononderbroken slaap nodig om een goede nachtrust te hebben.

We kennen allemaal de oude slaap adviezen wel. Acht uur slaap anders gebeuren er vreselijke dingen. En dan moet je vooral dóórslapen. Een paar keer naar de WC en je bent de volgende dag een zombie.

En voor veel volwassenen klopt dat, maar dat is niet omdat we dat vanuit onze biologie nodig hebben. Net als met in stilte slapen is het aangeleerd gedrag. Omdat we liefdevol of streng hebben geleerd om lange stukken stil op onze kamer te liggen, zijn we het nodig gaan hebben.

Maar als we terug gaan naar onze voorouders, niet eens zo heel lang geleden, dan zien we een heel ander beeld. Voordat we elektrisch licht hadden sliepen we waakzaam en naar alle waarschijnlijkheid in twee delen.

Waakzaam omdat we op onze omgeving moesten letten. Even een oog open om het (haard)vuur aan te porren, even half wakker om te kijken wat daar beweegt om dan zonder moeite weer verder te slapen.

En ja, er zijn aanwijzingen dat we in twee delen sliepen. Dat we bij zonsondergang een eerste blok maakten, om dan een paar uur wakker te zijn alvorens het tweede deel te slapen. Hier wordt dat uitgebreider verteld.

Het idee dat je acht uur in coma moet klopt van alle kanten niet en baby’s weten dat nog heel goed. Maar ja, wat moet je als geslaaptrainde volwassene?

Het goede nieuws is dat elke training ook weer omgekeerd kan. Slecht nieuws is dat het vooral doorzetten betekend. Het is ellendig zwaar in het begin, maar uiteindelijk wen je er weer aan om een paar keer (half) wakker te worden in de nacht. Zeker als je kindje naast je ligt en makkelijk kan aankoppelen.

Zijn er meer mythes?

Zo, hèhè, we zijn er door heen. Dat waren de tien grote mythes die ik ken over het slaapgedrag van kinderen. Maar misschien weet jij er nog meer. Vertel!Ik wil ze graag horen. Roept jouw buurvrouw, schoonmoeder of huisarts iets wat ik niet heb genoemd? Wat is jouw favoriete slaap mythe? Ik lees ze allemaal in bed en val dan heerlijk in slaap.

10 mythes over slaap en kinderen, deel 1.

Er gaan altijd verhalen rond over wat een baby wel of niet hoort te doen qua slapen. Nu weet een baby volgens mij zelf heel prima wat ze wel en niet hoort te doen, maar daar is de buurvrouw, je schoonmoeder of zelfs het consultatiebureau het niet altijd mee eens.

Hier zijn tien van die onzin verhalen bij elkaar. Makkelijk om uit te printen en onder bemoeierige neuzen te duwen. Of gewoon om je eigen zelfvertrouwen een boost te geven.

1, Een baby moet wakker maar moe in bed gelegd worden.

Volgens deze mythe is er een soort gouden moment waarop een baby heel moe is, maar nog wel wakker. Een goede ouder herkent dat moment natuurlijk direct en legt haar kleintje vredig in de wieg, alwaar dit engeltje heerlijk inslaapt.

Ennnn, iedereen met een kind weet dat de realiteit heel anders is. Een moe maar wakker kind in een bedje leggen is meestal gegarandeerd een huilbui. Dat ‘gouden moment’ bestaat helemaal niet. Baby’s willen op een ouder of verzorger slapen en dat is echt heel normaal. Dan horen ze dezelfde geruststellende geluiden als in de buik, blijven ze heerlijk op temperatuur en worden ze door de ademhaling en beweging zachtjes gewiegd.

Overdag biedt een draagdoek de mogelijkheid om je handen vrij te houden en hier zie je hoe je ‘s nachts veilig samen kan slapen.

2, Een baby moet bij de eerste tekenen van moeheid naar bed.

Het idee is dus dat je je baby intens in de gaten houdt, om dan bij het eerste gaapje of wrijfhandje de kleine in bed te mikken. Als je dat niet doet verandert jouw lieve kind in een soort monster omdat ze over haar slaap heen is. En dan ben je dus een slechte ouder.

In het echt is ieder kind anders. Er zijn vast wel baby’s waarbij dit een nodige actie is. Maar ga eens na hoe vaak je zelf gaapt. Is dat altijd omdat je moe bent? Ik gaap namelijk best regelmatig en het zou lastig zijn om in bed gekiept te worden omdat de kamer een beetje muf was.

Ook zijn er zat kinderen die echt niet van die tekenen gaan vertonen hoor. Als je geluk hebt kiepen ze gewoon om en als je pech hebt krijg je dan totaal zonder waarschuwing zo’n ik-ben-moe-en-hyper kind. Gezellig.

Zelf doe ik mijn kinderen altijd bij de laatste tekenen van moeheid naar bed. Dat moment net voordat ze spontaan omvallen. Als ik het eerder probeer heb ik ten eerste vaak een vals alarm en ben ik ten tweede uuuuuren bezig, en daar heb ik toevallig een hekel aan. Het komt er op neer dat wat dit betreft elk kind anders is en elk gezin andere behoeften heeft. Maar dat bekt dan weer niet zo lekker.

3, Vanaf een bepaalde leeftijd hoort een kind door te slapen.

Tegenwoordig zijn we het er wel over eens dat een baby vers uit de buik ‘s nachts nog wel wat aandacht mag, maar volgens de mythe houdt dat al snel op.

Iedere ‘expert’ geeft je een andere tijd, maar na een aantal maanden of soms zelfs weken hoort het nachtelijk ontwaken wel over te zijn. Is dat niet zo dan heb je het helemaal verkeerd gedaan en is jouw kind een Slechte Slaper (que dramatische muziek).

Uiteraard klopt hier ook niets van. Er is geen leeftijd waarop doorslapen een must is. Sterker nog, de meeste volwassenen doen het niet eens. Even naar de wc, een slokje water, heel normaal allemaal. Het verschil is dat wij oud genoeg zijn om zelf in onze behoeften te voorzien. Een klein kind is dat niet en dus hebben ze je even nodig. De ervaring leert dat hoe minder je je er tegen verzet, hoe makkelijker het gaat (maar nu ga ik wel kort door de bocht, lees voor meer tips eens mijn stuk over slaapproblemen). Op een gegeven moment, helemaal vanzelf, hebben ze je niet meer nodig ‘s nachts. Dat duurt wel een jaar of vier, vijf (gok ik dat het gemiddelde zo is) maar na de eerste twee jaar wordt het meestal veel minder.

4, Je moet een kind leren zelfstandig in slaap te vallen.

Deze hangt erg tegen het “wakker maar moe” verhaal aan. Het idee dat een kind zelfstandig in slaap hoort te vallen en als dat niet vanzelf gaat je dat moet aanleren. Dat aanleren bestaat er dan vooral uit dat je het kind alleen op een kamer de boel laat uitzoeken. Bij een ouder kind kan je dan ook nog gaan omkopen met stickers en dergelijke.

De grap is dat het juist omgekeerd werkt. Zelf gaan slapen is een van die non-dingen die bij opvoeden hoort. Daarmee bedoel ik de dingen waar je juist niets mee moet doen, dan komen ze vanzelf goed. Dingen als lopen en zo.

Als een kind altijd veilig bij een ouder of verzorger in slaap mag vallen, dan gaan ze slaap associëren met leuke dingen. Knuffelen, aandacht, liefde. Dat soort gedoe. Gaan slapen wordt een prettige bezigheid die ze naar verloop van tijd zelf gaan doen. Je wordt op een gegeven moment gewoon de kamer uitgestuurd.

Als je een kind gaat dwingen wordt bedtijd een naar ding. Wanneer slapen samen gaat met verlating, harde woorden of hoge eisen, dan is de associatie negatief en gaan ze zich verzetten. Best logisch eigenlijk. Dat gedrag kan heel lang voortduren. Eigenlijk wel een leven lang. De ouders merken er misschien niet meer zo veel van, maar er zijn echt zat volwassenen die een hekel hebben aan naar bed gaan, moeilijk inslapen en hun bedtijd lang uitstellen.

5, Je mag een kind na bedtijd nooit uit bed halen.

Als je het dan compleet verprutst hebt als ouder en een Slechte Slaper hebt gecreëerd dan mag je dat kind bij het nachtelijk waken niet uit bed nemen. Dan hebben ze namelijk gewonnen en doen ze nooit meer wat je zegt. Laat je ze in bed dan zou je ze leren dat de nacht voor slapen is en dat dat in bed gebeurt.

Uiteraard ga je zelf wel even naar beneden als je ‘s nachts wakker wordt. Voor het eerdergenoemde glaasje water en wc bezoek. Soms zelfs even zitten op de bank als je slecht hebt gedroomd. Ik ben zelf een vrij slechte slaper en weet heel goed dat het geen zin heeft om in bed te blijven liggen draaien. Even er uit geeft een reset, waarna je sneller weer in slaap valt.

Natuurlijk geldt hetzelfde ook voor kinderen. Dat zijn ook gewoon mensen, al vergeten we dat wel eens. Even een knuffel op de bank kan wonderen doen. En bij een nachtmerrie is het zelfs belangrijk om een kind uit de situatie te halen. Ik ga dan met ze naar beneden en doe alle lichten aan, anders blijven ze bang.

Als je samen slaapt is het hele ‘in bed blijven’ idee nog onzinniger. Meestal liggen daar namelijk ook anderen, een partner of meer kinderen. Het heeft echt geen enkel nut om het hele gezin maar wakker te maken uit een raar principe.

De volgende vijf.

Ja, en nu verwacht je nog vijf van die mythes van me. Die komen ook, maar niet nu. Zie je, dit stuk is best wel monsterlijk lang geworden, dus hak ik bij deze de boel in twee.

Volgende week, zelfde tijd, zelfde blog, nog vijf van die ontzettend vervelende verhalen over kinderen en slapen. Tot dan!

Vijf dingen die je een ouder kado kan doen, in plaats van badschuim.

Ouders. Een eeuwig vermoeide groep mensen. Het opvoeden van kinderen is nooit bedoeld om maar met twee mensen te doen, je hebt er echt een dorp voor nodig. Toch zijn er eindeloos veel gezinnen waar twee en soms zelfs maar één volwassene dapper doorploeteren.

Op moederdag, vaderdag en verjaardagen nemen deze helden met een dankbaar gezicht wat kadootjes in ontvangst. Een lekker geurtje, bubbels voor het bad en soms zelfs een mooi sieraad. Dat zijn echt wel prima dingen om te geven hoor. Uiteindelijk gaat het om de gedachte die er achter zit. Maar vandaag wil ik eens wat andere suggesties doen. Hier is een lijst van vijf dingen die veruit de meeste ouders van jonge kinderen stiekem veel liever hebben dan een Fa douche pakket.

1, Een maaltijd waarbij je niet hoeft op te staan.

Kinderen hebben een ingebouwde sensor voor ouders die even gaan zitten, zeker als er eten in het spel is. Al zijn ze nog zo zoet boven met de lego aan het bouwen, de seconde dat je met je thee en boterham in een stoel ploft, staan ze voor je neus. Uiteraard met een grote variatie aan verzoeken waar je onmiddellijk aan moet voldoen.

De avondmaaltijd zou in theorie beter moeten zijn. We zitten immers nu allemaal aan tafel met hetzelfde doel. De realiteit is echter anders. Er moet van alles gesneden worden, uit de koelkast gepakt en er zijn discussies die juist dan op ruzie uitlopen. Als er een jong kind in het spel is zit er meestal een volwassene met de kleine spruit op schoot, om graaivingers heen wanhopig te proberen wat voedsel in haar mond te krijgen.

Nodig deze mensen eens uit (ja, het hele gezin, dat overleef je wel). En spreek van te voren af dat jij degene bent die opstaat. Of beter nog, ga bij ze langs, geef de ouders een bon voor een restaurant en doe een heldhaftige poging om de kinderen een gezonde maaltijd te laten eten.

2, Een weekend rust en uitslapen.

Het was toevallig laatst vrijdag en ik had een gesprek met de docent van mijn zoon. Aan het einde verzuchtte ze blij dat het nu wel lekker weekend was. Dat was even schakelen. Deze geweldige vrouw verdient uiteraard twee dagen rust, maar het concept is mij nu al zo lang vreemd dat ik even moest denken om haar te begrijpen.

Weekend is voor ouders vooral een tijd van tekenfilms en kinderen die koekjes willen. Het voordeel is dat je niemand naar school hoeft te brengen. (Tenzij je de pech hebt dat je kroost getalenteerd is, dan ben je alsnog taxi naar een club, les of bijeenkomst.) Het nadeel is dat buitenspelen uit de mode is en er naar jou wordt gekeken voor vermaak.

Vraag of de oudere kinderen een keer een weekend bij jou mogen logeren. Vanaf een jaar of vier gaat dat echt lekker. Doe het helemaal goed door ze op vrijdag al uit school te halen. Plan een weekend vol met uitstapjes, films en creatieve activiteiten. Doe voor de goede orde een poging om ze iets anders te voeren dan chips en patat.

Hele jonge kinderen kunnen niet zo lang bij hun ouders weg zijn, maar al neem je maar de helft van de druktemakers mee, je helpt al een hele boel. Voor extra punten kan je een oma of opa inschakelen om in datzelfde weekend een paar lange wandelingen met de kleinste te maken. Let wel op dat dit nogal eens voor gezinsuitbreiding een maand of negen later kan zorgen.

3, Een avond om een favoriete serie te binge-watchen.

Iedereen heeft het over de geweldige finale van de een of andere serie, maar ouders van jonge kinderen staan er vaak beteuterd bij. Ze zijn nog niet verder gekomen dan aflevering drie. Wel kunnen ze Dora ondertussen woord voor woord opzeggen.

Tegen de tijd dat iedereen in bed ligt heeft een ouder met geluk, ok, met heel veel geluk, een uurtje voordat ze zelf van vermoeidheid omvalt. Oh, en in dat uur moet je ook nog een keer of drie naar boven voor het een of ander. En misschien ook de baby voeden die naast je ligt.

Geef ze jouw sleutel, je Netflix password en pas een avond op. Ja, dat is zwaar. Zeker als er een kleintje is. Hou er rekening mee dat ze in slaap vallen en je ze wakker moet bellen.

Weet je wat, maak er een binge middag van. Dan kan jij wandelen met de kinderen en kunnen zij een paar uur kijken. Zoek van te voren uit waar de goede speeltuinen in de omgeving zijn. Bij slecht weer pak je een binnenspeeltuin. Bereid je goed voor met schone kleren (ook voor jou), billendoekjes (ook voor jou en niet per se voor billen. Meer voor plakkerige vingers enzo) en pijnstillers. (Alleen voor jou. Het geluidsniveau is niet normaal daar.)

4, Taart (of ander lekkers) wat je niet hoeft te delen.

Weet je nog dat ik vertelde over die sensor die kinderen hebben als een ouder gaat zitten? Die slaat dus op tilt als er lekkers in het spel is. Het maakt niet uit waar je kind is, als er taart is staan ze met open mond voor je neus. Ik ben er van overtuigd dat ze zelfs op school kunnen zijn, om dan toch plotseling naar huis te teleporteren.

Ik kan soms echt dromen van een goed stuk taart. Liefst chocolade en dan echt heel luxe (en vegan, maar ja, dat ben ik). En dat je dan kan zitten, ook nog met een grote kop thee (hey, droom groot) en totaal ongestoord het hele ding tot de laatste kruimel weghappen.

De realiteit is helaas meer dat je zelf hoogstens een hap binnen krijgt, terwijl je je bord hoog houdt, en er kinderen huilen.

Om dit als kado te geven heb je twee opties. Of je komt binnen met twee taarten. Een voor de volwassenen en een voor de kinderen. Nadeel is dat je ten eerste bestormd wordt, ten tweede de kinderen veel taart moet voeren om de ouders te ontzien en ten derde er altijd een kind is dat liever de grotemensentaart heeft.

Het is waarschijnlijk makkelijker om een bon te kopen voor taart en thee bij een leuk cafeetje en op de kinderen te passen. Geef de bon wel sneaky en zorg dat er geen afbeelding van taart op staat..en dat ie niet naar taart ruikt. Weet je, voor de zekerheid, doe het ding maar in een waterdichte enveloppe….they know….

5, Slaap. Gewoon slaap.

Het ding waar je de eerste jaren als ouder absoluut, zonder twijfel en met grote voorsprong het meest behoefte aan hebt is slaap. Ononderbroken slaap. Dat je als een zeester in bed kan liggen stinken. Urenlang.

Een nacht overnemen gaat erg lastig. Het verschilt van gezin tot gezin en hoe dicht je bij ze staat. Oma kan dit eerder aanbieden dat een oude klasgenoot, zeg maar. Wel kan je dutjes of een uitslaap moment regelen. Sta een keer belachelijk vroeg op in het weekend, zodat je om een uur of zes voor de deur kan staan (wel effe van te voren afspreken natuurlijk). Neem de kroost over en schrik niet van de twee zombies die je vrienden elke ochtend zijn. Stuur ze liefdevol weer naar bed terwijl jij hun nakomelingen een paar uur vermaakt. Zo vroeg in de ochtend is er nog niets open, dus dat doe je ofwel in hun woonkamer, of in die van jou. Zet een film op voor oudere kinderen, knuffel met de kleintjes. Kijk uit voor de lego.

Het dorp dat we nodig hebben.

Ik ben me er van bewust dat vrijwel al deze kado’s neerkomen op oppas zijn. Punt is dat we dat nodig hebben. Ik zeg het zo vaak dat ik wel een gebroken plaat lijk, maar het is nooit de bedoeling geweest om kinderen met maar twee volwassenen op te voeden. We horen in stamverband met elkaar te leven en zo samen de lasten te dragen. Dit is waarom ouders er zo vaak als zombies bij lopen. En dat is waarom we jou nodig hebben. Jij bent onze stam, de extra handen waar we wanhopig op zitten te wachten. Geloof me, we hebben je een stuk harder nodig dan een douchepakket…of een boekenbon.

Zorgen veiligheidsmaatregelen voor meer veiligheid?

We willen veilig zijn, we willen dat ons niets naars overkomt, maar meer nog dan dat willen we dat onze geliefden veilig zijn. Een heel normaal, menselijk gevoel. Om dat te bereiken proberen we ons bewust te zijn van gevaren. We anticiperen, we waarschuwen en we letten op. Maar wat wordt er opgeofferd? En is dat het waard? Hebben al die maatregelen überhaupt wel het gewenste effect?

Ik was laatst in een speeltuin. Op zich een best normale plaats om te zijn als je kinderen hebt. Deze specifieke speeltuin grenst aan water. Er is een kade, daar liggen wat bootjes en tussen die bootjes kabbelt een meer.

Een meisje loopt een meter of vijf van de kade af, met haar rug naar het water. Ze lijkt onderweg naar de glijbaan. Haar moeder pakt haar beet en vermaand haar “Nee, nee! Niet naar het water. Kijk uit voor het water!”

Even in de herhaling…dat je het beeld goed hebt. Meisje staat niet in de buurt van de kade laat staan het water, loopt ook niet in die richting, kijkt niet eens die kant op….maar moeders reageert alsof het arme kind bijna een duik neemt. En dat soort gedrag is geen incident.

Terwijl ik dit zo eens mee maak klimt mijn peuter op een klimrek. Ik sta er naast niet om haar op te vangen, maar om te zorgen dat andere ouders haar met rust laten. Dat is namelijk een hele reële dreiging in de speeltuin. Volwassenen die zeer bezorgd naar mijn kind toe rennen met een reddercomplex. En dat vind ik nu weer gevaarlijk.

Parkeer die helikopter.

We hebben een naam verzonnen voor dat soort overbezorgde ouders. Helikopters. Het idee is dat je als het ware met een vliegmachine over je kind zweeft, om je kroost te alle tijde te kunnen redden van echt en verzonnen gevaar.

In Noord-Amerika neemt het extreme gevolgen aan, maar ook hier zie ik het meer en meer. Ik heb zelfs een echte helikopter van dichtbij mogen meemaken en gezien wat dat heeft gedaan met haar twee kinderen. Want dat is de zure grap. In de gekte om elk risico maar af te dekken raken kinderen mentaal beschadigd.

Kinderen hebben vrijheid nodig. In een natuurlijke setting zou een kind van vier al grote delen van de dag zonder volwassen toezicht spelen. Dat soort verwachtingen zijn geprogrammeerd in onze genen, die zijn niet zomaar uit te zetten.

Helemaal zoals een junglemoeder doe ik het ook niet. Er zijn reële gevaren waar onze evolutionaire verwachtingen geen rekening mee houden, auto’s enzo. Maar ik blijf zoveel ik kan aan de zijlijn. Mijn primaire filosofie wat betreft veiligheid is dat het mijn taak is om te zorgen dat mijn kinderen zo min mogelijk naar het ziekenhuis moeten. Alle activiteiten die redelijkerwijs niets ergers kunnen opleveren dan blauwe plekken of pleister wondjes hoef ik niet te voorkomen. Ik kan een keer raad geven, maar daarna hou ik op.

Resultaat is dat mijn kinderen zelf heel goed risico’s in kunnen schatten en heel weinig brokken maken. Zeker de peuter, die bewust volgens de Continuüm Concept methode is opgevoed, is heel zelfstandig. Nu is een onderzoek van drie kinderen niet echt statistisch relevant, maar gelukkig zijn er veel andere mensen die hetzelfde doen, en dezelfde resultaten opmerken.

Fysieke gevolgen van overbezorgdheid.

Toch zijn er, mijns inziens, ook fysieke gevolgen wanneer een kind overbeschermd wordt opgevoed. Een kind wat alsmaar wordt behoed van vallen, zal onhandiger zijn en ironisch genoeg, vaker struikelen. Grof gezegd; je moet op je bek gaan om te leren.

Tot nu toe zijn de meeste ouders het wel min of meer met me eens, maar ik zou de Dolle Moeder niet zijn als ik niet lekker controversieel doe. Ik had namelijk laatst een heel interessant gesprek….over druiven.

Moet je druiven snijden?

Nou ja, over druiven, tomaten, wortels, (vega)worstjes en ander rond voedsel. De ‘regel’ is namelijk dat je die moet doorsnijden. In de lengte wel te verstaan. Omdat die druif (voor het gemak nemen we de druif als zondebok.) anders onherroepelijk in de keel van het arme kind vast loopt, waarna het lijdend voorwerp stikkend ter aarde stort. Echte richtlijnen kan ik niet vinden, maar de consensus is dat je wel een jaar of vijf aan het snijden bent.

Op zoek naar cijfers kwam ik twee artikelen tegen. Deze zegt dat er in 2012 een dikke honderd kinderen opgenomen zijn geweest omdat ze zich verslikt hadden in voedsel. Gelukkig geen fatale afloop. Dit is een Amerikaanse tegenhanger die zegt dat er tienduizend kinderen per jaar in het ziekenhuis terecht komen en er gemiddeld elke vijf dagen een kind sterft aan verstikking in voedsel.

Nu is Noord-Amerika echt een stuk groter dus verwacht je ook meer ongelukken. Maar een sterfgeval elke vijf dagen? En geen enkele bij ons? Terwijl de cultuur van helikopteren daar zo veel sterker is.

Zo kom ik dus bij mijn nu-gaan-mensen-boos-worden hypothese. Ik vermoed heel sterk dat we het risico op verstikking groter maken door alsmaar te snijden. Kinderen wennen aan kleine stukjes en leren niet af te happen. Vroeg of laat komt dat kind een keer een druif tegen die niet gesneden is. Op een familie feestje ofzo. Ja, je oom is nu eenmaal niet op de hoogte van al die veiligheidsmaatregelen. En dan is die hele druif ineens wel gevaarlijk.

Het snijden van voedsel stuurt ook de impliciete boodschap dat een kind geen heel voedsel aankan. En kinderen hebben nogal eens de neiging om aan dat soort verwachtingen te voldoen.

Ik zou het heel interessant vinden om eens naar de omstandigheden van al die stikkende kinderen te kijken. Hoeveel van die honderd kinderen waren gewend aan gesneden druiven? Hoeveel mochten zelf hun risico’s inschatten? Ik gok zelf vrij weinig, maar dat blijft mijn eigen onderbuikgevoel.

Wat ik wel gevaarlijk vind.

Wij doen het dus niet. Dat snijden. En er zijn veel meer dingen die wij niet doen. Toch zijn er ook risico’s die ik wel afdek. Ik heb twee jaar lang onder een ouderwetse deken geslapen in plaats van een dekbed. Ook in de winter (hallo flanellen pyjama), omdat dekbedden gevaarlijk zijn voor kleine kinderen.

Het verschil zit hem voor mij in de beschaving. Dingen die pas de laatste paar honderd jaar zijn uitgevonden kunnen een werkelijk gevaar opleveren voor kinderen. Maar druiven waren altijd al rond. Eten doen we als soort al heel lang. Daar heeft moeder natuur echt wel rekening mee gehouden. Net als met klimmen, rennen, ruzie maken, slapen en leren. Allemaal dingen waar we niet echt in moeten sturen.

Slaaptraining voor de opvang.

Ok. Je hebt dus zo’n baby en het gaat best goed. Je doet je hippie ouder ding waarbij de kleine in een draagdoek woont en lekker tegen je aan slaapt, dag en nacht. Het begin was best moeilijk (waarom komt er dan ook geen gebruiksaanwijzing je kut uit in plaats van die placenta?) maar we zijn een kleine drie maanden verder en je voelt je eindelijk weer enigszins competent.

Boem! Opvang!

Of je nu weer gaat werken, naar de tandarts moet of (gasp!) af en toe een klein beetje tijd nodig hebt voor jezelf. Op een gegeven moment moet er iemand anders dan jij voor je kindje zorgen. Niet lang, maar een paar uur, maar in die paar uur moeten er dingen gebeuren. En dat is waar de schoen soms gaat wringen.

Ik hoor regelmatig dat ouders onder druk worden gezet om hun kind te slaaptrainen omdat een oppas of de opvang de kleine niet in slaap krijgt. Dat gaat soms zelfs zover dat ze het kind gaan weigeren als er niet aan de eisen wordt voldaan…….soort gijzeling dus. Leuk wel…

Vandaag gaan we bekijken of die training wel nodig is en of het hele idee überhaupt nut heeft. (spoiler; nope, nee, niet, helemaal niet, niet eens een beetje.)

De biologische norm.

Wanneer een baby uit de vagina of de chirurgische snede tevoorschijn komt heeft de kleine een aantal verwachtingen. Dat is zo met de mens mee geëvolueerd en enigszins belangrijk. In een notendop gaat het om continu lichaamscontact totdat ze zelf wegkruipen, borstvoeding totdat ze zelf weg eten en hulp bij het slapen totdat ze zelf wegdromen.

Kinderen zijn ontzettend sterk. In de meest ellendige situaties weten ze toch op te groeien. Je kan sleutelen aan de biologische voorwaarden, maar met een prijs. Het geeft een kind namelijk stress, behoorlijk veel stress zelfs. Dat kost energie en die energie kan niet besteed worden aan een normale ontwikkeling. Je gaat dan tekorten en achterstanden creëren.

Er is hier veel meer over te vertellen, maar dan ben ik een boek aan het schrijven. Even in het kort: een kind wat zonder de biologische voorwaarden opgroeit staat onder stress, dat is slecht en creëert problemen. Hoe minder er aan de voorwaarden voldaan wordt, hoe meer stress en hoe groter de ellende.

Met slaaptraining ga je flink sleutelen aan die biologische voorwaarden. De behoefte aan continu lichaamscontact en aan hulp bij het slapen wordt ontnomen. Vaak komt daar dan ook een voedingsschema bij en dan is het cirkeltje mooi rond. Het is overduidelijk dat slaaptrainen niet goed voor de gezondheid van een kind is.

Om het maar even in het belachelijke te trekken; het is vast ook makkelijker voor de opvang als een kind minder eet. Maar niemand zal vragen om een baby te leren met minder calorieën af te kunnen. We erkennen dat voeding belangrijk is en doen moeite om dit in een kind te krijgen.

Wacht eerst af.

Als je je zorgen maakt voordat het kind bij de opvang of de oppas is geweest, heb dan nog even geduld. De kans is best groot dat het hele probleem niet gaat verschijnen. In dit stuk vertel ik over gewenst gedrag. Natuurlijk vind ik het leuk als je even gaat lezen, maar de samenvatting is dat ieder mens zich buitenshuis aanpast, zo ook een baby. Dat is normaal en prima.

Het kan best gebeuren dat jouw kleine slaapmonster, die altijd drie liedjes, een half uur wiegen en vier borsten nodig heeft om bij jou in slaap te vallen, bij de leidster zo gaat liggen en wegsnurkt. Betekend niet dat jij iets fout doen, lees mijn stukje dan toch maar even.

Geef het een paar dagen voordat je echt in paniek raakt. Als het dan echt niet lukt, zijn er nog andere oplossingen.

Ze slaapt echt niet.

Ok, je baby heeft uitgebreid gewend bij de opvang of oppas, jullie hebben het echt geprobeerd en het gaat niet. Helaas heb jij geen zoet kind. Ook dat is niet erg. Een sterke eigen wil is misschien veel werk als ze klein zijn, maar wel heel fijn als ze eenmaal volwassen zijn.

Een goede opvang zal zelf oplossingen zoeken en het probleem niet bij jou leggen. Ervaren en geduldige leidsters hebben een hele trukendoos. Een lieve en geduldige opa of oma zal ook eerder naar tips vragen dan slaaptraining eisen.

Helaas is het niet altijd zo mooi. Soms heb je pech en staat er iemand tegenover je die eist dat jij thuis je kind allerlei rare dingen aandoet zodat zij het die paar uurtjes wat makkelijker heeft. En dat is best apart, als je er over nadenkt. Stel je nu eens voor dat er op een opvang een leidster is die het verschonen moeilijk vindt. Bij kindjes die stil liggen lukt het nog net, maar jouw kleine is een friemelkont en de poep zit soms aan de muren. Zou je het dan normaal vinden dat die leidster van jou eist dat jij je baby even zindelijk maakt? Of heeft ze gewoon wat training en tips nodig van haar collega’s?

Mochten ze het echt zelf niet kunnen verzinnen, dan kan jij wat mogelijke oplossingen geven. Denk dan aan: dragen in een drager, slapen op de groep (in de box bijvoorbeeld), slapen in een wandelwagen (dat kan alleen buiten en onder toezicht), niet te slapen leggen en laten omvallen, een gedragen shirt van jou mee (let op, dat mag niet los in het bed, onder het laken kan het wel) of gewoon accepteren dat de kleine wakker blijft.

Slaaptraining heeft geen zin.

We hadden al uitgebreid besproken dat slaaptraining schadelijk is voor kinderen. Komt nog eens bij dat het geen zin heeft. Er is echt geen enkel bewijs dat kinderen beter gaan slapen door ze te ‘trainen’. Sterker nog, het zou wel eens andersom kunnen zijn. Oftewel, de kans is groot dat je je kleine schade doet, de normale ontwikkeling verstoord en dan ook nog eens een kind krijgt wat slechter slaapt dan daarvoor. Heel nuttig allemaal. (Niet!)

Zeker wanneer het trainen wordt gedaan voor een opvang of oppas is het echt een oefening in nutteloosheid. Soort van alsof jij mij gaat sommeren mijn keuken op te ruimen, met de verwachting dat jouw keuken dan schoner wordt. Zelfs al zou het lukken om dat kind in de thuissituatie eenzaam in dat bed te proppen, zegt dat dus echt niets over hoe het gaat op de opvang. Helaas komt het allemaal neer op het karakter van je kind en de skills van de oppas.

Als jouw opvang of oppas echt blijft eisen dat jij en je kind zich aanpassen omdat zij dan denken het makkelijker te hebben, dan is dat mijns inziens een teken dat jullie niet op de goede plek zitten. Waar dat een oma of andere familie betreft is dat natuurlijk heel vervelend, maar je kan dan echt beter naar een andere plek zoeken. Een boze tante is niet belangrijker dan een beschadigd kind.

Waar professionele opvang nodig is ben ik fan van de gastouders. Het is misschien even zoeken (er zijn zeker ook gastouders die rare eisen stellen) maar een goede gastouder is echt goud waard. Die wordt onderdeel van het gezin en heeft vaak meer tijd en aandacht voor een kind.

Dat gezegd hebbende, er bestaan ook hele goede kinderdagverblijven. Het blijft een kwestie van goed zoeken, lang praten en hoge eisen durven stellen.

De zin en onzin van drijfmiddelen.

Voordat je met je kleine kind een zwembad in duikt, moet je het lijdend voorwerp eerst optuigen in een drijfmiddel. Bandjes, of een soort drijfstoel. Want dat is uiteraard veiliger. Toch? Toch…???

Nou, lang niet altijd dus. Sommige drijfmiddelen doen niet zoveel terwijl andere ronduit gevaarlijk zijn. Maar aangezien geen enkele fabrikant vrijwillig de waarheid op een verpakking zet, hoe moet je dan weten welke je moet hebben?

Door mijn blog te lezen natuurlijk. Hier staan de meest voorkomende drijfmiddelen en mijn mening er over. Oh, en voor de nieuwelingen; ik heb jarenlang in een zwembad gewerkt en echt alles wel een keer voorbij zien komen.

Bandjes of vlindertjes.

Om maar meteen met de meest bekende te beginnen. Bandjes, soms ook vlindertjes genoemd. Goedkoop en handig bij een kind wat al zelf rondloopt. Meestal te verkrijgen bij de kassa van het zwembad, aangezien je ze altijd vergeet.

Ik ben geen fan van bandjes. Nope. Deze ondingen staan bij mij op nummer twee van mijn meest-gehate-drijfmiddelen lijst. (Nummer een komt verderop) Ten eerste geven ze een schijnveiligheid. De enorme hoeveelheid ouders die niet of veel minder goed opletten omdat kun kind toch bandjes aan heeft……echt….in de zomervakantie was dat gesprek minstens driekwart van mijn werk.

Ten tweede geeft het schijnveiligheid bij het kind. Ze leren namelijk niet dat je zinkt in diep water. Er staat bij elk goed zwembad een lifeguard in de buurt van de douches. Kinderen rennen er uit en zo het (diepe) water in, nog geen idee dat zonder die oranje klotedingen het zinken toch echt wat sneller gaat.

Verder willen ze nogal eens afschieten op de glijbaan. En als pappa dan op het verkeerde moment los laat mag je vissen. Altijd leuk.

Baby float.

Je kent ze wel. Die meestal gele zwembanden met een stoeltje er in voor de baby. Dat is dus mijn all-time-winnaar voor meest gehate drijfmiddel ooit! Waarschuwing; er komt nu een rant aan.

Zit een baby in zo’n rotding, dan zijn ze uiteraard binnen een paar tellen nat, het is immers een zwembad, maar het grootste deel van het lijf is boven water. Dat wordt koud en best snel ook. Overigens weten de meeste ouders niet hoe een onderkoelde baby er uit ziet. Die gaan namelijk heel zoet slapen. Zooooo schattig! En dan mag je als lifeguard er dus op af stappen en uitleggen dat ze nu even geen instagram foto’s moeten maken, maar heeeeeel even het leven van hun kind moeten redden door onder de warme douche te gaan staan. Zonder dat ding graag!

Baby heeft in een float ook geen contact met het lijf van de ouders. Niet alleen raken ze daardoor sneller onderkoelt, ze missen ook de sensorische input die het ouderlijf geeft en ze verteld hoe ze met deze nieuwe situatie om moeten gaan. Verder zijn ze in zo’n ding heel passief. Ze kunnen niet echt iets en leren dus ook niet met water om te gaan.

Als laatste kan een float je kind ook nog even helpen verdrinken. Die dingen hebben namelijk een maximaal gewicht. Wat er uiteraard ergens met kleine letters op een onduidelijke plek op staat. Komt je kind over dat gewicht heen, of is jouw spruit gewoon heel erg sterk, dan kan het het rotding omslaan! Zie je het voor je, gele band met twee beentjes in de lucht? En omdat de ouders geen direct contact hebben, en dat ding zo lekker drijft, wil het nog wel eens even duren voordat de spartelbeentjes opgemerkt worden. Maar verder heel gezellig hoor……

Swimtrainer.

In de categorie zwemband-plus is de swimtrainer marginaal beter dan een float. Het is zo’n rood met wit ding waar de baby schuin in hangt. Of kijk even hier, dat praten we over hetzelfde.

Hiermee is een kind voor een groter deel onder water en kan er wat getrappeld worden. Ook het gevaar van omslaan is weg, omdat het zwaartepunt veel lager ligt. Blijft wel over dat fysiek contact moeilijk is en het watergevoel (het gevoel van wat je lijf doet in het water) minimaal is en beperkt tot het onderlijf.

Baby swimmer of baby neck float.

Ja…ok….dat is dus zo’n klein zwembandje wat om de nek van je baby gaat. Kijk ff hier. Dat dus. Het ziet er niet uit, echt niet. Maar heel eerlijk, van alle baby drijfmiddelen….heeft dit nog de minste nadelen.

Het hele lijf is in het water, er wordt dus een redelijk watergevoel ontwikkeld (soort van, deze manier van drijven klopt natuurlijk niet met hoe een lijf dat doet) en het nodigt meer uit tot fysiek contact. De baby kan bewegen en omslaan kan natuurlijk echt niet. Wel is dit alleen voor vrij kleine baby’s gemaakt.

Wil je dus echt, absoluut, zonder discussie je baby in het een of andere drijfding…dan is deze wel ok…maar zeg er alsjeblieft niet bij dat je het van mij hebt gehoord, ik vind het een belachelijk ding.

Drijfpakje.

Eeeehhhhh, hier ben ik niet boos op. Een goede heeft de verdeling zo dat het de natuurlijke manier van drijven imiteert. Helemaal als je, naarmate het kind meer kan, drijfelementen kan verwijderen.

Het pakje kan niet per ongeluk uit gaan, je kan het in de kleedkamer al aan doen en het helpt nog mee met isolatie ook.

Nadeel is, dat het voor wat grotere kinderen is. Het kleinste pakje wat ik zo snel kon vinden gaat vanaf een jaar. Ook zijn ze best duur en groeit een kind er relatief snel uit. Tweedehands kopen kan hierbij helpen.

Even voor de duidelijkheid: De Easyswim is ontworpen als hulp bij een lesmethode. Ik vind het wel de beste. Hier kan je dus drijfelementen uithalen wanneer nodig. De meeste zwembaden zullen het ook wel als drijfmiddel accepteren bij het vrij zwemmen, maar bel even van te voren.

Verder zijn er de Swimsafe drijfpakjes (al die namen lijken zo verrot veel op elkaar). Ook prima dingen. Rond dezelfde prijs, iets minder aanpasbaar.

Dan zijn er pakjes die een soort ingebouwde kurk hebben. Die zijn belachelijk. Niet doen. Ze geven totaal niet dezelfde stabiliteit.

Zwemvest.

Dat is geen drijfmiddel!!!! Niet doen, leg terug, die dingen zijn levensgevaarlijk. Ze zijn gemaakt om je even boven te houden als je van een boot af kiept. Doordat ze niet goed aansluiten op het lijf zijn ze totaal ongeschikt voor in een zwembad. Ze schieten namelijk omhoog en ontnemen een kind de mogelijkheid om de armen te gebruiken om boven te blijven…wat enigszins belangrijk is.

Hoe doe ik het dan wel?

Is er in jouw omgeving een zwembad waar drijfmiddelen niet verplicht zijn? Dan is dat een mooie plek om een abonnement te kopen. Als het niet hoeft, doe het dan alsjeblieft ook niet. Een baby ‘zwemt’ het beste op je arm, een wat groter kind kan aan je hangen en lekker springen. Leren ze veel meer van.

Heb je twee (of meer) kleine kinderen en durf je het niet aan? Bedenk dan dat bandjes en pakjes niet gemaakt zijn om een kind volledig boven te houden. Ze ondersteunen, maar jouw aanwezigheid is nog steeds heel nodig. Is het dan echt wel zo verstandig om in je eentje met de kinderen te gaan zwemmen? (Ik weet het, soms is het niet anders. Maak gewoon een afweging voor jouw situatie. Ik ken je niet en ik ben er zeker niet om je te veroordelen.)

In steeds meer zwembaden is het verplicht om een kind een of ander drijfmiddel om te doen. Wel vaak pas vanaf het moment dat ze kunnen lopen. Als dat zo is zou ik daar gebruik van maken en je baby vrij houden zolang het kan. Heb je eenmaal geen keuze meer, dan raad ik een goed drijfpakje aan. Nogmaals, tweedehands is echt prima als het te duur is. Het is het waard om te vragen of het zwembad een oefenuurtje heeft waarbij alles af mag.

Uitsmijter.

Nog even een laatste stukje ongevraagd advies. Als je dan gaat zwemmen met je kind, ga dan ook echt zwemmen. Niet dat gedoe met je haar droog houden enzo. Hup! Lekker zelf onder water en plezier maken. Dat doet je kind na. Kan je fijn samen van de glijbaan.

Tien seks tips voor hippie ouders

Seks na de bevalling, ofwel post mortem….eeeeeehhh, post partum seks. Moeilijk zat voor een middle of the road ouder, maar wat moet de hippie met draagzak, voedingsbh en co sleeper beginnen?

Niet iedere ouder heeft er meteen weer zin in, maar we gaan hier even uit van moeders en vaders die wel weer eens uitkijken naar een potje horizontale tango. Heb je dat niet, dan lees je maar lekker mee als voyeur. Ben je toch nog een beetje geil bezig.

Tip 1: Verwacht verandering.

Vrolijk en onbezonnen zweefde je over festivals. De vrije liefde stroomt en je doet wat je wil, met wie je wil en wanneer je wil. Eeeennnn, dan krijg je een kind. Geweldig, prachtig, transformerend…. en erg lastig om omheen te plannen.

Ga nou niet zitten verwachten dat je leven teruggaat naar hoe het was. Adoptie nagelaten kan dat nu echt niet meer. Er komt wel een nieuw soort normaal. Die ga je vinden en daar ga je aan wennen. Duurt wel even. Stel je verwachtingen bij, of loop teleurgesteld rond. Jouw keus.

Tip 2: Verwacht verandering.

Nee, ik haper niet. Maar naast de verandering in je leven, gaat je lijf ook veranderen. Al die uren waarop je de exacte tantrische handelingen hebt ontdekt die je naar extase leiden…..mag je dus mooi opnieuw doen.

Het is niet zo gek dat een vagina veranderd nadat er een kind uitgekomen is. Maar zelfs bij een keizersnede is niets hetzelfde. De gevoelige plekjes op je lijf verplaatsen, of willen nu anders gestimuleerd worden.

Ook bij de mannelijke ouder zijn er verschillen. Zijn testosteron nivo past zich aan, zeker als er veel wordt gedragen en samen geslapen. Dat is een goed iets, het helpt hem om een beter vader te zijn. Maar het kan ook gevolgen hebben voor de seks drive en de behoeften tijdens intieme spelletjes.

Aangezien dit toch wel gaat gebeuren zou ik het als positief zien. Je hebt de kans om elkaar opnieuw te leren kennen. Wie weet wordt je weer helemaal opnieuw verliefd. Klinkt niet verkeerd toch?

Tip 3: Zoek je plekje.

Hoe klein dat kind ook is. Je huis is ineens vol. De logeerkamer is een kinderkamer geworden, die je niet gebruikt, want jouw bed is nu ook het kinderbed. In de huiskamer ligt speelgoed, een kast vol met draagdoeken (want het plan om er maar eentje te kopen bleek wel heel snel uit het raam) en een wasrek met katoenen luiers.

Er gaat een grapje rond in hippie kringen: “Co sleepers do it everywhere”. En dat is waar. Als het je eenmaal lukt om de kleine een keertje wel te leggen tijdens een slaapje, begint een soort speurtocht. Welk oppervlak is vrij genoeg om op te vrijen? De bank is een goede (hou die in gedachten als je op bezoek komt bij hippie ouders), maar een stevige stoel kan ook. Of de wasmachine, of in de douche, of op het kleed, of….nou ja, je snapt het al. Het hele huis is vrij spel! Wel even opletten op die ellendige duplo blokjes, die doen pijn aan je rug.

Tip 4: Zoek een oppas.

Het vereist wel wat planning en de spontaniteit is er een beetje af, maar een Nookie Nanny (niet mijn woord, ik wou dat ik het kon claimen, maar ik heb het ergens op Facebook gehoord) kan heel handig zijn voor je seksleven.

Roep dat je echt de was moet doen en bind de draagzak met baby om oma heen. Vind ze vast leuk. Zeg haar zeker een uur te gaan lopen. Laat die was maar liggen, oma weet wel wat je aan het doen bent. Ze is ook jong geweest. Doe de deur dicht, kijk elkaar aan en sprint naar het bed.

Tip 5: Put the baby down!

Ik ben enorm voorstander van continu huidcontact in het eerste half jaar. Ook tijdens het slapen wil je kroost bij je zijn, en dat is niet alleen normaal, dat is zelfs heel belangrijk. Maarrrrrr! Na een paar maanden kan je tijdens een dutje wegsluipen. Liggend voeden helpt hier enorm bij. Als echt diepe slaap eenmaal optreed, koppel dan los en rol als een ninja. Let op! Nog niet helemaal weg gaan. Nu merk je of jouw kleine er ok mee is. Komt er na een minuut of wat nog geen reactie, dan heb je prijs. Sluip naar beneden en bespring je partner. Ben je alleen? Lieverd, dat hoeft een potje goede seks niet in de weg te staan. Masturbeer een heerlijk eind weg.

Tip 6: Voorbereiding in je voorspel.

In het pre baby tijdperk had je tijd om in de stemming te komen. Mediteren terwijl je elkaar in de ogen staart, chakra massages, wierook branden, alles kon. Nu weet je nooit wanneer die gouden kans gaat komen en als het er is, heb je geen idee hoe lang het duurt. Maar om nu van nul naar neuken te gaan in twee seconden?

Voorspel hoeft niet altijd direct voor het vrijen. Het kan de hele dag door. Stuur elkaar eens een leuk appje, fluister wat in een oor. Zoen elkaar tijdens de afwas. (Waarna je peuter uiteraard onmiddellijk tussenbeide komt.)

Zolang je allebei duidelijk hebt dat dit flirten in principe los staat van de eigenlijk daad, kan het de hele dag door. Mocht er dan een moment komen, dan heb je niet veel nodig om, eehh, in actie te komen, zeg maar.

Tip 7: Hou rekening met de borsten.

Borsten veranderen. Je hele leven door, maar zeker na een baby. Als de dames vroeger een onderdeel waren van het seksspel, ga er niet meteen vanuit dat dat hetzelfde blijft. Voor een borstvoedende ouder voelt het wel anders als er gemiddeld 100 keer per dag een kind aan hangt.

Communicatie mensen! Vraag het even. Probeer eens wat(met toestemming), overleg met elkaar en geef eerlijke feedback. Misschien moet het anders, misschien kan het even niet meer, misschien moet het harder, of zachter of alleen links. Kwestie van samen ontdekken.

Enne, ja, er kan melk uitkomen tijdens de seks. Niet moeilijk over doen. Als partner weet je zo wel zeker dat je goed bezig bent, het komt namelijk door flinke opwinding (wat gestuurd wordt door hetzelfde hormoon als de toeschietreflex). Seks is sowieso plakkerig en hopelijk nat. Nu gewoon wat meer.

Tip 8: Bemoei je ermee.

Zeker bij de hippie kan de band tussen moeder en kind heel sterk zijn. Samen zijn ze werkelijk een dyade. Voor de partner kan het lastig zijn om daar tussen te komen.

Niet jaloers gaan doen, niet gaan eisen. Dat werkt averechts. De truc is om juist te gaan steunen. Ten eerste creëer je dan warme gevoelens naar elkaar. Je weet wel, van die gevoelens waardoor vonken overslaan. Ten tweede sta je dichter bij elkaar als je samen gefocust bent op hetzelfde (je kind dus). Zo werk je naar een gezamenlijk doel, en daar komen dan weer die fijne kriebels van.

Wat ben je liever? Een jaloerse, afstandelijke partner? Of een warme, betrokken ouder? Precies, dat dacht ik al. Dus leer een draagdoek knopen en een luier vouwen. Wie weet komen die knooptechnieken nog eens van pas. (Snappie? Ja? Wink, wink, nudge, nudge? Oh, ok. Ik bedoel bondage ja!)

Tip 9: Geef het tijd.

En nu praat ik niet alleen tegen de partner. Beide ouders doen er goed aan om even geduld te hebben. Ten eerste kan het zijn dat je fysiek moet herstellen van de bevalling, maar meer nog dan dat, je moet je comfortabel gaan voelen in je nieuwe rol.

In de eerste weken met mijn eerste kind was ik trots als ik ons beide voor twee uur s’middags had aangekleed. Ik maakte me echt zorgen hoe dat dan moest als ik weer ging werken. (En is dat niet de meest stomme term ooit. “weer ging werken”, alsof wat ik op dat moment deed geen werk was. Maar goed, ik dwaal af. Terug naar seks)

Voor een kind zorgen is een skill, best nog een ingewikkelde ook. En net als met elke andere skill gaat dat in het begin wat moeizaam en na een tijdje echt heel makkelijk. Wanneer je weer zin hebt om naast het oefenen van nieuwe skills wat anders te doen met je partner is voor iedereen verschillend. Al bespring je elkaar zodra je de kraamverzorger uitzwaait. Ik vind het prima. Maar als dat niet zo is, heb geduld. Wacht met zorgen maken totdat een luier verschonen niet meer op een millitaire operatie lijkt.

Tip 10: Waar je kind bij is.

Eeennnn, als uitsmijter worden we lekker controversieel. Het is echt, echt, echt ok om seks te hebben op dezelfde kamer waar je baby ligt te slapen. Sterker nog, als het bed groot genoeg is, hoef je niet verder dan de andere kant.

Ik beloof je dat de kleine er geen trauma aan overhoudt. Als ze je kunnen zien douchen, poepen en snurken, dan is een vrijpartij, terwijl ze slapen en dus feitelijk niets zien, echt ok. Sterker nog, normale intimiteit meemaken tussen je ouders is nodig om later zelf intieme relaties aan te gaan.

Juist het kind wat als baby slapend de geluiden heeft gehoord en misschien het bed wat voelde bewegen, zal later niet geshockeerd zijn als zij eens per ongeluk binnen loopt. Volwassenen die zeggen door hun ouders getraumatiseerd te zijn zullen ofwel als baby apart geslapepen hebben, ofwel blootgesteld zijn aan echt grensoverscheidend gedrag.

Vanaf een bepaalde leeftijd is het niet meer ok. Geen idee welke precies. Dat voel je wel aan denk ik. Rond diezelfde leeftijd zullen ze ook om een eigen kamer gaan vragen (nee, niet om weg te komen van hun seksverslaafde ouders, gewoon, omdat elk gezond mens dat op een gegeven moment doet) dus dan is het hele probleem opgelost.

Wie heeft er een hechtingsprobleem?

Zeker binnen de AP/NP/CC (oftwel gewoon hippie ouders) beweging wordt er veel over hechting gepraat. Het is belangrijk, duurt een leven lang maar gebeurt vooral in de eerste jaren en vraagt tijd en energie van ouders. Maar wat gebeurt er nu als die hechting niet goed verloopt? Als het zo belangrijk is maar nog niet veel gedaan wordt, waarom zien we dan geen samenleving van psychopaten om ons heen?

Om maar meteen de knuppel in het hoenderhok te gooien…dat zien we dus wel. Ik praat nu over de westerse wereld en met name Nederland. Dat is namelijk de samenleving die ik zie en waar ik het beste voor kan spreken. En om maar even kort door de bocht te gaan; we zijn met z’n allen hartstikke ziek. Ik durf best te gokken dat ongeveer 99% van de Nederlandse bevolking een hechtingsprobleem heeft. Jij, ik, de buurvrouw en je oma, het gaat met vrijwel niemand echt goed.

Maar waar zijn die mensen dan? Ik zie ze niet hoor?

Snap ik best. Maar dat is een mooi gevalletje van door de bomen het bos niet meer zien. De symptomen van een hechtingsprobleem zijn zo veelvoorkomend dat we ze voor normaal aanzien.

Wat zijn de symptomen?

In het meest ernstige geval spreken we van een hechtingsstoornis. Dan praat je over een volwassene met een onvermogen om een liefdevolle relatie met een ander aan te gaan. Dan is er in de vroege jeugd vaak sprake geweest van misbruik of ernstige verlating.

Maar daar gaat het nu niet alleen over. Ik praat vandaag over de hechtingsstoornis light, wat ik dus maar een hechtingsprobleem noem. En wat stiekem helemaal niet zo ´light´ is.

Hoeveel mensen ken je met relatie problemen? Vreemdgaan, liegen, jaloezie? Wie heeft er allemaal constant bevestiging van buitenaf nodig? (Hoe graag wil jij dat je partner regelmatig zegt dat je er leuk uit ziet?) Wat dacht je van eetproblemen, body issues, homofobia, burn-out, depressie, angsten en slaapproblemen?

Kijk eens naar hoe we kinderen behandelen? Waarom vinden we het raar als ze borstvoeding krijgen? En normaal als ze in hun eentje liggen te huilen?

Keer het eens om. Hoeveel mensen ken je die echt gelukkig zijn? Niet Facebook gelukkig, maar echt. Dat is zeldzaam.

Ik sta hier niet te beweren dat elke depressie veroorzaakt wordt door een moeder die je niet genoeg knuffels gaf, maar ik denk dat de wortel voor wat er mis is met onze samenleving te vinden is in de manier waarop we met onze kinderen omgaan.

Eigenlijk kan ik het heel kort zeggen. Hoe kan je in vredesnaam denken dat een samenleving die mensen als Trump, Wilders en Thierry Baudet aan de macht hebben gestemd normaal is? En ik heb het niet alleen over degenen die hun rode vakje hebben aangekruist, maar ook over de rest van ons, die het accepteert dat ze macht hebben. Dat is toch, als we even heel eerlijk zijn, hartstikke ziek?

Moet ik dan boos worden op mijn ouders?

Nee, alsjeblieft, ga dat nou niet doen. Laat me even voor mij en mijn moeders spreken, want jouw gezin ken ik niet.

Ik geef onmiddellijk toe dat ik bij de 99% hoor. Ik ben onzeker, heb veel foute relaties gehad, zoek nog steeds bevestiging bij mijn partner en droomde toevallig vannacht nog dat de beste vent vreemd ging. Ik heb een depressie en een burn-out overleefd. Ik heb echt wel een hechtingsprobleem. Maar dat is niet de schuld van mijn moeders.

Beide grootse dames komen uit een streng gezin. Bij een van de twee was het zelfs ronduit liefdeloos. Het is niet mijn verhaal om hier te vertellen, maar ik kan wel zeggen dat ze affectie heeft gegeven die ze nooit zelf heeft ontvangen, en dat is een bijna onmogelijke prestatie.

Met alle kennis, liefde en steun die ze hadden, hebben ze ongelofelijk goed hun best gedaan. Ik had een prettige, warme en veilige jeugd. Mijn hechtingsprobleem komt niet door hun, ik ben in staat om van anderen te houden en door mijn problemen heen te werken dankzij de liefde die ze gaven.

Het heeft geen zin om met de geweldige visie van achteraf te gaan roepen dat de vorige generatie het anders had moeten doen. Als je net als ik liefde hebt gehad, wees dan dankbaar. Je hebt naar alle waarschijnlijkheid meer gekregen dan je ouders hebben ontvangen. Mocht je niet zoveel geluk hebben gehad, dan hoop ik dat je, net als mijn moeder, genezing vindt en het toch kan geven.

Maar hoe komt het dan wel?

In dit stukje heb ik daar al eens wat over verteld. Heel kort; beschaving gebeurde. Kleine, hechte gemeenschappen vielen uiteen in geïsoleerde gezinnen waar de opvoeding door Den Wetenschap van vervelende mannen werd gedicteerd. We verloren de wijsheid die we duizenden jaren lang van ouder op kind doorgaven.

We zijn ervan terug aan het krabbelen, elke generatie lijkt het ietsjes beter te doen dan de vorige. Maar het gaat langzaam, er is zoveel kennis en vertrouwen verloren geraakt. En hoewel het intermenselijk contact langzaam verbeterd, raken we het contact met de natuur steeds meer kwijt. Dat is een groot probleem.

Ok, hoe lossen we het dan op?

Door meer te geven aan je kinderen dan je zelf hebt ontvangen. Door je eigen wonden te helen en ze zo niet meer door te geven. Door te leren van volkeren die niet zo stom zijn geweest als wij.

Draag je kinderen, voed je kinderen, slaap naast ze en heb geduld met ze. Op een dag zijn ze groot, op hun beurt ook weer imperfect, maar beter dan wij waren. Dan is het hun beurt om ons te verbeteren.

Ik kan niet slapen naast mijn kind.

Wat nu als je totaal gelooft in de waarde van co-slapen, maar zelf niet slaapt naast je kind? Dat je daar dan ligt, wakker van elk geluidje, langzaam wegglijdend in een zombie staat.

Ben je dan een slechte moeder? Of moet je dan je kind toch maar naar een eigen kamer verbannen? (spoiler: nee)

Het gebeurt nog best vaak. Dat een vrouw zich heilig voorneemt om elke nacht heerlijk naast haar kindje in slaap te vallen. Om dan in de realiteit wakker te liggen luisteren naar elk kuchje. Hoe komt dat toch?

Je eigen jeugd.

Ooit was jij zelf die baby. Toen was je klein, met kleine teentjes en kleine haartjes. Naar alle waarschijnlijkheid hield jouw moeder net zoveel van jou als jij van jouw kind. En juist omdat ze van je houdt volgt jouw moeder het dringende advies op wat ze van alle experts hoort. Ze legt je in een eigen kamertje om je te leren slapen in isolatie en stilte. Misschien ging het makkelijk, misschien was het moeilijk, maar uiteindelijk heb je leren slapen in een stille kamer op een stil bed.

Wakker worden.

Wat ik ook vaak hoor is dat kinderen ‘te vaak’ wakker worden naast de ouder. In een eigen kamer wordt er langer doorgeslapen. Hier wordt een fundamenteel verkeerde aanname gedaan; dat vaak wakker worden ongewenst is.

Baby’s zijn er niet voor gemaakt om diep te slapen. Het is de bedoeling, en heel belangrijk, dat ze na elke slaap cyclus even (half) wakker worden. (Een slaapcyclus van een baby duur zo ongeveer 50 tot 90 minuten.) Na wat geruststellende input (de aanwezigheid van de moeder, een aanraking of van voeding) begint de volgende slaap cyclus.

Bij afwezigheid van de ouders kan een kind onnatuurlijk diep gaan slapen. Voor de baby is afwezigheid van de ouders namelijk een noodsituatie en in nood kan je als kleintje maar beter heel stil zijn.

Het risico van te diep slapen is dat de ademhaling heel soms stopt. Dat noemen we dan wiegendood. Verder is het voor de ontwikkeling van de hersenen belangrijk om een zeer regelmatige toevoer van voeding te krijgen. Ik snap dat het frustrerend is dat je kind een klein slokje neemt en weer gaat slapen. Dat kan voelen alsof je voor de gek wordt gehouden. Maar dat kleine slokje is hartstikke belangrijk.

Langer slapen is dus geen betere slaap. Veilige slaap is betere slaap en kinderen zijn veilig bij hun ouders.

Ik lig wakker. En nu?

Het is heel, heel moeilijk om de gewoonte van een stille kamer af te leren. De behoefte aan nachtelijke rust zit zo diep als maar kan. Het helpt om je te realiseren waar het vandaan komt. Volhouden helpt ook. Het is geen leuke gedachte, maar uiteindelijk slaap je echt wel. Je kan ook aan tussen oplossingen denken. Als het echt niet gaat om elke nacht naast je kindje te liggen, is afwisselen met je partner een betere keus dan het kind op de eigen kamer.

Het is niet helemaal hetzelfde, maar ik heb altijd enorme problemen gehad met inslapen. Uren lag ik te lezen of te woelen in de hoop dat slaap kwam. Soms kwam de ochtend zelfs eerder. Uiteindelijk heb ik voor mijzelf een oplossing gevonden. Ik sliep namelijk te veel. Vroeger waren we er van overtuigd dat iedereen echt acht uur slaap nodig heeft, tegenwoordig weten we dat dat per persoon verschilt. Als ik acht uur ga slapen, dan slaap ik de volgende dag niet meer.

Dus zette ik mijzelf op slaapdieet. Op twaalf uur mocht ik naar bed, om zes uur stond ik op. Ongeacht hoeveel ik eigenlijk sliep. Allejezus wat was dat zwaar. Ik liep er de eerste week bij als een zombie. De tweede week ging het iets beter, ik begon sneller in slaap te vallen. Ergens in de derde week was het over. Ik had mijzelf een nieuw slaappatroon aangeleerd wat beter bij mij past. Ik zal nooit zo iemand worden die gaat liggen en slaapt. (Echt…..Officier Pappa kan dat dus…soms kijk ik er naar met een mengeling van boosheid en afgunst.) Maar ik doe er nu ook geen uren meer over. Met hoogstens een half uurtje slaap ik.

Hou vol!

Ik heb geen idee waar het vandaan komt, maar ik hoor vaker dat het drie weken duurt om een nieuw patroon te leren. Gun jezelf minimaal die drie weken. Sterker nog, gun jezelf 30 dagen. Maak een kalender aan, hou het stug vol. Best kans dat je voor de 30 dagen op zijn geen last meer hebt van die snurkende baby naast je. (Baby’s kunnen zo ontzettend lief snurken! Jammer dat het bij vaders dan weer minder schattig klinkt)

Als het echt te zwaar is, doe dan wat je kan. Wees creatief, verzin oplossingen, schakel je partner en desnoods de hele familie in. Je bent een cyclus aan het doorbreken hier. Want ooit is ook jouw kind groot en best kans dat je dan oma word. En jouw grote kind, die ooit gewend is geraakt aan jouw nachtelijke geluiden (oh ja…jij maakt ze ook. En voor wie het niet weet, mamma’s snurken heel lief. Het klinkt als roosjes die langs een gouden harpje gehaald worden…echt waar!) zal het veel makkelijker hebben dan jij het had. Dus lieve, oververmoeide ouder, hou vol! Doe het voor je kleinkind.