Zorgen veiligheidsmaatregelen voor meer veiligheid?

We willen veilig zijn, we willen dat ons niets naars overkomt, maar meer nog dan dat willen we dat onze geliefden veilig zijn. Een heel normaal, menselijk gevoel. Om dat te bereiken proberen we ons bewust te zijn van gevaren. We anticiperen, we waarschuwen en we letten op. Maar wat wordt er opgeofferd? En is dat het waard? Hebben al die maatregelen überhaupt wel het gewenste effect?

Ik was laatst in een speeltuin. Op zich een best normale plaats om te zijn als je kinderen hebt. Deze specifieke speeltuin grenst aan water. Er is een kade, daar liggen wat bootjes en tussen die bootjes kabbelt een meer.

Een meisje loopt een meter of vijf van de kade af, met haar rug naar het water. Ze lijkt onderweg naar de glijbaan. Haar moeder pakt haar beet en vermaand haar “Nee, nee! Niet naar het water. Kijk uit voor het water!”

Even in de herhaling…dat je het beeld goed hebt. Meisje staat niet in de buurt van de kade laat staan het water, loopt ook niet in die richting, kijkt niet eens die kant op….maar moeders reageert alsof het arme kind bijna een duik neemt. En dat soort gedrag is geen incident.

Terwijl ik dit zo eens mee maak klimt mijn peuter op een klimrek. Ik sta er naast niet om haar op te vangen, maar om te zorgen dat andere ouders haar met rust laten. Dat is namelijk een hele reële dreiging in de speeltuin. Volwassenen die zeer bezorgd naar mijn kind toe rennen met een reddercomplex. En dat vind ik nu weer gevaarlijk.

Parkeer die helikopter.

We hebben een naam verzonnen voor dat soort overbezorgde ouders. Helikopters. Het idee is dat je als het ware met een vliegmachine over je kind zweeft, om je kroost te alle tijde te kunnen redden van echt en verzonnen gevaar.

In Noord-Amerika neemt het extreme gevolgen aan, maar ook hier zie ik het meer en meer. Ik heb zelfs een echte helikopter van dichtbij mogen meemaken en gezien wat dat heeft gedaan met haar twee kinderen. Want dat is de zure grap. In de gekte om elk risico maar af te dekken raken kinderen mentaal beschadigd.

Kinderen hebben vrijheid nodig. In een natuurlijke setting zou een kind van vier al grote delen van de dag zonder volwassen toezicht spelen. Dat soort verwachtingen zijn geprogrammeerd in onze genen, die zijn niet zomaar uit te zetten.

Helemaal zoals een junglemoeder doe ik het ook niet. Er zijn reële gevaren waar onze evolutionaire verwachtingen geen rekening mee houden, auto’s enzo. Maar ik blijf zoveel ik kan aan de zijlijn. Mijn primaire filosofie wat betreft veiligheid is dat het mijn taak is om te zorgen dat mijn kinderen zo min mogelijk naar het ziekenhuis moeten. Alle activiteiten die redelijkerwijs niets ergers kunnen opleveren dan blauwe plekken of pleister wondjes hoef ik niet te voorkomen. Ik kan een keer raad geven, maar daarna hou ik op.

Resultaat is dat mijn kinderen zelf heel goed risico’s in kunnen schatten en heel weinig brokken maken. Zeker de peuter, die bewust volgens de Continuüm Concept methode is opgevoed, is heel zelfstandig. Nu is een onderzoek van drie kinderen niet echt statistisch relevant, maar gelukkig zijn er veel andere mensen die hetzelfde doen, en dezelfde resultaten opmerken.

Fysieke gevolgen van overbezorgdheid.

Toch zijn er, mijns inziens, ook fysieke gevolgen wanneer een kind overbeschermd wordt opgevoed. Een kind wat alsmaar wordt behoed van vallen, zal onhandiger zijn en ironisch genoeg, vaker struikelen. Grof gezegd; je moet op je bek gaan om te leren.

Tot nu toe zijn de meeste ouders het wel min of meer met me eens, maar ik zou de Dolle Moeder niet zijn als ik niet lekker controversieel doe. Ik had namelijk laatst een heel interessant gesprek….over druiven.

Moet je druiven snijden?

Nou ja, over druiven, tomaten, wortels, (vega)worstjes en ander rond voedsel. De ‘regel’ is namelijk dat je die moet doorsnijden. In de lengte wel te verstaan. Omdat die druif (voor het gemak nemen we de druif als zondebok.) anders onherroepelijk in de keel van het arme kind vast loopt, waarna het lijdend voorwerp stikkend ter aarde stort. Echte richtlijnen kan ik niet vinden, maar de consensus is dat je wel een jaar of vijf aan het snijden bent.

Op zoek naar cijfers kwam ik twee artikelen tegen. Deze zegt dat er in 2012 een dikke honderd kinderen opgenomen zijn geweest omdat ze zich verslikt hadden in voedsel. Gelukkig geen fatale afloop. Dit is een Amerikaanse tegenhanger die zegt dat er tienduizend kinderen per jaar in het ziekenhuis terecht komen en er gemiddeld elke vijf dagen een kind sterft aan verstikking in voedsel.

Nu is Noord-Amerika echt een stuk groter dus verwacht je ook meer ongelukken. Maar een sterfgeval elke vijf dagen? En geen enkele bij ons? Terwijl de cultuur van helikopteren daar zo veel sterker is.

Zo kom ik dus bij mijn nu-gaan-mensen-boos-worden hypothese. Ik vermoed heel sterk dat we het risico op verstikking groter maken door alsmaar te snijden. Kinderen wennen aan kleine stukjes en leren niet af te happen. Vroeg of laat komt dat kind een keer een druif tegen die niet gesneden is. Op een familie feestje ofzo. Ja, je oom is nu eenmaal niet op de hoogte van al die veiligheidsmaatregelen. En dan is die hele druif ineens wel gevaarlijk.

Het snijden van voedsel stuurt ook de impliciete boodschap dat een kind geen heel voedsel aankan. En kinderen hebben nogal eens de neiging om aan dat soort verwachtingen te voldoen.

Ik zou het heel interessant vinden om eens naar de omstandigheden van al die stikkende kinderen te kijken. Hoeveel van die honderd kinderen waren gewend aan gesneden druiven? Hoeveel mochten zelf hun risico’s inschatten? Ik gok zelf vrij weinig, maar dat blijft mijn eigen onderbuikgevoel.

Wat ik wel gevaarlijk vind.

Wij doen het dus niet. Dat snijden. En er zijn veel meer dingen die wij niet doen. Toch zijn er ook risico’s die ik wel afdek. Ik heb twee jaar lang onder een ouderwetse deken geslapen in plaats van een dekbed. Ook in de winter (hallo flanellen pyjama), omdat dekbedden gevaarlijk zijn voor kleine kinderen.

Het verschil zit hem voor mij in de beschaving. Dingen die pas de laatste paar honderd jaar zijn uitgevonden kunnen een werkelijk gevaar opleveren voor kinderen. Maar druiven waren altijd al rond. Eten doen we als soort al heel lang. Daar heeft moeder natuur echt wel rekening mee gehouden. Net als met klimmen, rennen, ruzie maken, slapen en leren. Allemaal dingen waar we niet echt in moeten sturen.

Slaaptraining voor de opvang.

Ok. Je hebt dus zo’n baby en het gaat best goed. Je doet je hippie ouder ding waarbij de kleine in een draagdoek woont en lekker tegen je aan slaapt, dag en nacht. Het begin was best moeilijk (waarom komt er dan ook geen gebruiksaanwijzing je kut uit in plaats van die placenta?) maar we zijn een kleine drie maanden verder en je voelt je eindelijk weer enigszins competent.

Boem! Opvang!

Of je nu weer gaat werken, naar de tandarts moet of (gasp!) af en toe een klein beetje tijd nodig hebt voor jezelf. Op een gegeven moment moet er iemand anders dan jij voor je kindje zorgen. Niet lang, maar een paar uur, maar in die paar uur moeten er dingen gebeuren. En dat is waar de schoen soms gaat wringen.

Ik hoor regelmatig dat ouders onder druk worden gezet om hun kind te slaaptrainen omdat een oppas of de opvang de kleine niet in slaap krijgt. Dat gaat soms zelfs zover dat ze het kind gaan weigeren als er niet aan de eisen wordt voldaan…….soort gijzeling dus. Leuk wel…

Vandaag gaan we bekijken of die training wel nodig is en of het hele idee überhaupt nut heeft. (spoiler; nope, nee, niet, helemaal niet, niet eens een beetje.)

De biologische norm.

Wanneer een baby uit de vagina of de chirurgische snede tevoorschijn komt heeft de kleine een aantal verwachtingen. Dat is zo met de mens mee geëvolueerd en enigszins belangrijk. In een notendop gaat het om continu lichaamscontact totdat ze zelf wegkruipen, borstvoeding totdat ze zelf weg eten en hulp bij het slapen totdat ze zelf wegdromen.

Kinderen zijn ontzettend sterk. In de meest ellendige situaties weten ze toch op te groeien. Je kan sleutelen aan de biologische voorwaarden, maar met een prijs. Het geeft een kind namelijk stress, behoorlijk veel stress zelfs. Dat kost energie en die energie kan niet besteed worden aan een normale ontwikkeling. Je gaat dan tekorten en achterstanden creëren.

Er is hier veel meer over te vertellen, maar dan ben ik een boek aan het schrijven. Even in het kort: een kind wat zonder de biologische voorwaarden opgroeit staat onder stress, dat is slecht en creëert problemen. Hoe minder er aan de voorwaarden voldaan wordt, hoe meer stress en hoe groter de ellende.

Met slaaptraining ga je flink sleutelen aan die biologische voorwaarden. De behoefte aan continu lichaamscontact en aan hulp bij het slapen wordt ontnomen. Vaak komt daar dan ook een voedingsschema bij en dan is het cirkeltje mooi rond. Het is overduidelijk dat slaaptrainen niet goed voor de gezondheid van een kind is.

Om het maar even in het belachelijke te trekken; het is vast ook makkelijker voor de opvang als een kind minder eet. Maar niemand zal vragen om een baby te leren met minder calorieën af te kunnen. We erkennen dat voeding belangrijk is en doen moeite om dit in een kind te krijgen.

Wacht eerst af.

Als je je zorgen maakt voordat het kind bij de opvang of de oppas is geweest, heb dan nog even geduld. De kans is best groot dat het hele probleem niet gaat verschijnen. In dit stuk vertel ik over gewenst gedrag. Natuurlijk vind ik het leuk als je even gaat lezen, maar de samenvatting is dat ieder mens zich buitenshuis aanpast, zo ook een baby. Dat is normaal en prima.

Het kan best gebeuren dat jouw kleine slaapmonster, die altijd drie liedjes, een half uur wiegen en vier borsten nodig heeft om bij jou in slaap te vallen, bij de leidster zo gaat liggen en wegsnurkt. Betekend niet dat jij iets fout doen, lees mijn stukje dan toch maar even.

Geef het een paar dagen voordat je echt in paniek raakt. Als het dan echt niet lukt, zijn er nog andere oplossingen.

Ze slaapt echt niet.

Ok, je baby heeft uitgebreid gewend bij de opvang of oppas, jullie hebben het echt geprobeerd en het gaat niet. Helaas heb jij geen zoet kind. Ook dat is niet erg. Een sterke eigen wil is misschien veel werk als ze klein zijn, maar wel heel fijn als ze eenmaal volwassen zijn.

Een goede opvang zal zelf oplossingen zoeken en het probleem niet bij jou leggen. Ervaren en geduldige leidsters hebben een hele trukendoos. Een lieve en geduldige opa of oma zal ook eerder naar tips vragen dan slaaptraining eisen.

Helaas is het niet altijd zo mooi. Soms heb je pech en staat er iemand tegenover je die eist dat jij thuis je kind allerlei rare dingen aandoet zodat zij het die paar uurtjes wat makkelijker heeft. En dat is best apart, als je er over nadenkt. Stel je nu eens voor dat er op een opvang een leidster is die het verschonen moeilijk vindt. Bij kindjes die stil liggen lukt het nog net, maar jouw kleine is een friemelkont en de poep zit soms aan de muren. Zou je het dan normaal vinden dat die leidster van jou eist dat jij je baby even zindelijk maakt? Of heeft ze gewoon wat training en tips nodig van haar collega’s?

Mochten ze het echt zelf niet kunnen verzinnen, dan kan jij wat mogelijke oplossingen geven. Denk dan aan: dragen in een drager, slapen op de groep (in de box bijvoorbeeld), slapen in een wandelwagen (dat kan alleen buiten en onder toezicht), niet te slapen leggen en laten omvallen, een gedragen shirt van jou mee (let op, dat mag niet los in het bed, onder het laken kan het wel) of gewoon accepteren dat de kleine wakker blijft.

Slaaptraining heeft geen zin.

We hadden al uitgebreid besproken dat slaaptraining schadelijk is voor kinderen. Komt nog eens bij dat het geen zin heeft. Er is echt geen enkel bewijs dat kinderen beter gaan slapen door ze te ‘trainen’. Sterker nog, het zou wel eens andersom kunnen zijn. Oftewel, de kans is groot dat je je kleine schade doet, de normale ontwikkeling verstoord en dan ook nog eens een kind krijgt wat slechter slaapt dan daarvoor. Heel nuttig allemaal. (Niet!)

Zeker wanneer het trainen wordt gedaan voor een opvang of oppas is het echt een oefening in nutteloosheid. Soort van alsof jij mij gaat sommeren mijn keuken op te ruimen, met de verwachting dat jouw keuken dan schoner wordt. Zelfs al zou het lukken om dat kind in de thuissituatie eenzaam in dat bed te proppen, zegt dat dus echt niets over hoe het gaat op de opvang. Helaas komt het allemaal neer op het karakter van je kind en de skills van de oppas.

Als jouw opvang of oppas echt blijft eisen dat jij en je kind zich aanpassen omdat zij dan denken het makkelijker te hebben, dan is dat mijns inziens een teken dat jullie niet op de goede plek zitten. Waar dat een oma of andere familie betreft is dat natuurlijk heel vervelend, maar je kan dan echt beter naar een andere plek zoeken. Een boze tante is niet belangrijker dan een beschadigd kind.

Waar professionele opvang nodig is ben ik fan van de gastouders. Het is misschien even zoeken (er zijn zeker ook gastouders die rare eisen stellen) maar een goede gastouder is echt goud waard. Die wordt onderdeel van het gezin en heeft vaak meer tijd en aandacht voor een kind.

Dat gezegd hebbende, er bestaan ook hele goede kinderdagverblijven. Het blijft een kwestie van goed zoeken, lang praten en hoge eisen durven stellen.

De zin en onzin van drijfmiddelen.

Voordat je met je kleine kind een zwembad in duikt, moet je het lijdend voorwerp eerst optuigen in een drijfmiddel. Bandjes, of een soort drijfstoel. Want dat is uiteraard veiliger. Toch? Toch…???

Nou, lang niet altijd dus. Sommige drijfmiddelen doen niet zoveel terwijl andere ronduit gevaarlijk zijn. Maar aangezien geen enkele fabrikant vrijwillig de waarheid op een verpakking zet, hoe moet je dan weten welke je moet hebben?

Door mijn blog te lezen natuurlijk. Hier staan de meest voorkomende drijfmiddelen en mijn mening er over. Oh, en voor de nieuwelingen; ik heb jarenlang in een zwembad gewerkt en echt alles wel een keer voorbij zien komen.

Bandjes of vlindertjes.

Om maar meteen met de meest bekende te beginnen. Bandjes, soms ook vlindertjes genoemd. Goedkoop en handig bij een kind wat al zelf rondloopt. Meestal te verkrijgen bij de kassa van het zwembad, aangezien je ze altijd vergeet.

Ik ben geen fan van bandjes. Nope. Deze ondingen staan bij mij op nummer twee van mijn meest-gehate-drijfmiddelen lijst. (Nummer een komt verderop) Ten eerste geven ze een schijnveiligheid. De enorme hoeveelheid ouders die niet of veel minder goed opletten omdat kun kind toch bandjes aan heeft……echt….in de zomervakantie was dat gesprek minstens driekwart van mijn werk.

Ten tweede geeft het schijnveiligheid bij het kind. Ze leren namelijk niet dat je zinkt in diep water. Er staat bij elk goed zwembad een lifeguard in de buurt van de douches. Kinderen rennen er uit en zo het (diepe) water in, nog geen idee dat zonder die oranje klotedingen het zinken toch echt wat sneller gaat.

Verder willen ze nogal eens afschieten op de glijbaan. En als pappa dan op het verkeerde moment los laat mag je vissen. Altijd leuk.

Baby float.

Je kent ze wel. Die meestal gele zwembanden met een stoeltje er in voor de baby. Dat is dus mijn all-time-winnaar voor meest gehate drijfmiddel ooit! Waarschuwing; er komt nu een rant aan.

Zit een baby in zo’n rotding, dan zijn ze uiteraard binnen een paar tellen nat, het is immers een zwembad, maar het grootste deel van het lijf is boven water. Dat wordt koud en best snel ook. Overigens weten de meeste ouders niet hoe een onderkoelde baby er uit ziet. Die gaan namelijk heel zoet slapen. Zooooo schattig! En dan mag je als lifeguard er dus op af stappen en uitleggen dat ze nu even geen instagram foto’s moeten maken, maar heeeeeel even het leven van hun kind moeten redden door onder de warme douche te gaan staan. Zonder dat ding graag!

Baby heeft in een float ook geen contact met het lijf van de ouders. Niet alleen raken ze daardoor sneller onderkoelt, ze missen ook de sensorische input die het ouderlijf geeft en ze verteld hoe ze met deze nieuwe situatie om moeten gaan. Verder zijn ze in zo’n ding heel passief. Ze kunnen niet echt iets en leren dus ook niet met water om te gaan.

Als laatste kan een float je kind ook nog even helpen verdrinken. Die dingen hebben namelijk een maximaal gewicht. Wat er uiteraard ergens met kleine letters op een onduidelijke plek op staat. Komt je kind over dat gewicht heen, of is jouw spruit gewoon heel erg sterk, dan kan het het rotding omslaan! Zie je het voor je, gele band met twee beentjes in de lucht? En omdat de ouders geen direct contact hebben, en dat ding zo lekker drijft, wil het nog wel eens even duren voordat de spartelbeentjes opgemerkt worden. Maar verder heel gezellig hoor……

Swimtrainer.

In de categorie zwemband-plus is de swimtrainer marginaal beter dan een float. Het is zo’n rood met wit ding waar de baby schuin in hangt. Of kijk even hier, dat praten we over hetzelfde.

Hiermee is een kind voor een groter deel onder water en kan er wat getrappeld worden. Ook het gevaar van omslaan is weg, omdat het zwaartepunt veel lager ligt. Blijft wel over dat fysiek contact moeilijk is en het watergevoel (het gevoel van wat je lijf doet in het water) minimaal is en beperkt tot het onderlijf.

Baby swimmer of baby neck float.

Ja…ok….dat is dus zo’n klein zwembandje wat om de nek van je baby gaat. Kijk ff hier. Dat dus. Het ziet er niet uit, echt niet. Maar heel eerlijk, van alle baby drijfmiddelen….heeft dit nog de minste nadelen.

Het hele lijf is in het water, er wordt dus een redelijk watergevoel ontwikkeld (soort van, deze manier van drijven klopt natuurlijk niet met hoe een lijf dat doet) en het nodigt meer uit tot fysiek contact. De baby kan bewegen en omslaan kan natuurlijk echt niet. Wel is dit alleen voor vrij kleine baby’s gemaakt.

Wil je dus echt, absoluut, zonder discussie je baby in het een of andere drijfding…dan is deze wel ok…maar zeg er alsjeblieft niet bij dat je het van mij hebt gehoord, ik vind het een belachelijk ding.

Drijfpakje.

Eeeehhhhh, hier ben ik niet boos op. Een goede heeft de verdeling zo dat het de natuurlijke manier van drijven imiteert. Helemaal als je, naarmate het kind meer kan, drijfelementen kan verwijderen.

Het pakje kan niet per ongeluk uit gaan, je kan het in de kleedkamer al aan doen en het helpt nog mee met isolatie ook.

Nadeel is, dat het voor wat grotere kinderen is. Het kleinste pakje wat ik zo snel kon vinden gaat vanaf een jaar. Ook zijn ze best duur en groeit een kind er relatief snel uit. Tweedehands kopen kan hierbij helpen.

Even voor de duidelijkheid: De Easyswim is ontworpen als hulp bij een lesmethode. Ik vind het wel de beste. Hier kan je dus drijfelementen uithalen wanneer nodig. De meeste zwembaden zullen het ook wel als drijfmiddel accepteren bij het vrij zwemmen, maar bel even van te voren.

Verder zijn er de Swimsafe drijfpakjes (al die namen lijken zo verrot veel op elkaar). Ook prima dingen. Rond dezelfde prijs, iets minder aanpasbaar.

Dan zijn er pakjes die een soort ingebouwde kurk hebben. Die zijn belachelijk. Niet doen. Ze geven totaal niet dezelfde stabiliteit.

Zwemvest.

Dat is geen drijfmiddel!!!! Niet doen, leg terug, die dingen zijn levensgevaarlijk. Ze zijn gemaakt om je even boven te houden als je van een boot af kiept. Doordat ze niet goed aansluiten op het lijf zijn ze totaal ongeschikt voor in een zwembad. Ze schieten namelijk omhoog en ontnemen een kind de mogelijkheid om de armen te gebruiken om boven te blijven…wat enigszins belangrijk is.

Hoe doe ik het dan wel?

Is er in jouw omgeving een zwembad waar drijfmiddelen niet verplicht zijn? Dan is dat een mooie plek om een abonnement te kopen. Als het niet hoeft, doe het dan alsjeblieft ook niet. Een baby ‘zwemt’ het beste op je arm, een wat groter kind kan aan je hangen en lekker springen. Leren ze veel meer van.

Heb je twee (of meer) kleine kinderen en durf je het niet aan? Bedenk dan dat bandjes en pakjes niet gemaakt zijn om een kind volledig boven te houden. Ze ondersteunen, maar jouw aanwezigheid is nog steeds heel nodig. Is het dan echt wel zo verstandig om in je eentje met de kinderen te gaan zwemmen? (Ik weet het, soms is het niet anders. Maak gewoon een afweging voor jouw situatie. Ik ken je niet en ik ben er zeker niet om je te veroordelen.)

In steeds meer zwembaden is het verplicht om een kind een of ander drijfmiddel om te doen. Wel vaak pas vanaf het moment dat ze kunnen lopen. Als dat zo is zou ik daar gebruik van maken en je baby vrij houden zolang het kan. Heb je eenmaal geen keuze meer, dan raad ik een goed drijfpakje aan. Nogmaals, tweedehands is echt prima als het te duur is. Het is het waard om te vragen of het zwembad een oefenuurtje heeft waarbij alles af mag.

Uitsmijter.

Nog even een laatste stukje ongevraagd advies. Als je dan gaat zwemmen met je kind, ga dan ook echt zwemmen. Niet dat gedoe met je haar droog houden enzo. Hup! Lekker zelf onder water en plezier maken. Dat doet je kind na. Kan je fijn samen van de glijbaan.

Gezonde ijsjes.

 

Deze zomer heeft de peuter ijs ontdekt. Met warme dagen eet ze vrijwel niets anders. In een verwoede poging om toch maar iets gezonds in haar te krijgen maak ik deze ijsjes zelf.

Het recept.

Ingrediënten:

Fruit (bevroren is juist handig)

Soja yoghurt (ik gebruik de ongezoete van Alpro soja, maar elke plantaardige yoghurt is ok)

Paar plakjes goed rijpe banaan. (Ik vries plakjes bijna overrijpe banaan in, handig voor dit soort dingen)

Eeeennn, dat is het. Verder heb je een blender of staafmixer en ijsjesvormen nodig.

De verhouding is ongeveer een klodder yoghurt, twee handenvol fruit en een klein handje banaan door elkaar gooien. Niet gaan uitmeten, gewoon doen, het komt niet echt precies. Let gewoon op dat het niet al te zuur wordt, daar zijn peuters het vaak niet mee eens.

Nou, en dat blender je dan door elkaar. Als je bevroren fruit hebt gebruikt heb je meteen een soort lekker zacht en koud tussendoortje. Kan je een keertje de kom uit likken zonder schuldgevoel.

De resulterende prut giet je in de ijsvormpjes en zet je in de vriezer. Paar uur later heb je ijs wat elk kind zonder limiet kan eten. Echt, ik geef het wel eens als ontbijt.

Je kan eindeloos aanpassen en variëren. Jij bent de baas van je eigen ijsfabriek. Ik kan wel aanraden om zoet fruit te gebruiken. Wordt vaak veel beter ontvangen. Je hebt van die pakjes gemengd rood fruit in de vriezer van de supermarkt. Super handig!

Gezond ijs in de supermarkt.

Gezond snoepen is een trend, en daar spelen winkel op in. Als je tegenwoordig in het diepvriesvak kijkt zie je onder andere ‘gezonde’ ijsjes liggen. Daar wil ik het eeeeven over hebben. Die zijn namelijk niet echt zo heel gezond.

Voor alle duidelijkheid, ik zeg niet dat je ze niet moet kopen hè. Soms is het gewoon makkelijk. Ik weet hoe het is om boodschappen te doen met een peuter….ik oordeel niet. Het enige wat ik wil is dat je een bewust keuze maakt. Koop het omdat het op dat moment even nodig of goed is, niet omdat je denkt dat het echt gezond is.

Ok, maar waarom is mijn ijsrecept dan zoveel beter dan de supermarkt versie? Omdat het meestal gaat om ijs “met echt fruit” en dat is code voor “dit is eigenlijk gewoon een raketje, maar we hebben er een paar procent vruchtensap doorheen gedaan”.

De paar keer dat er echt “100% fruit” of “100% natuurlijk” op staat gaat het meestal om bevroren vruchtensap. En toegegeven, dat is al een stuk beter, maar het is niet gezond. Zeker omdat er vaak toch een zoetmaker in zit. Bevroren sap mist alle vezels van fruit, die er wel in zitten als je het zelf maakt.

Dus mocht je kind een soort van rustig zijn tijdens het winkelen (of bestel je je boodschappen gewoon, want dat is echt de uitvinding van de eeuw), loop dan een paar stappen verder en pak het doosje bevroren fruit. Kan je ook eens op social media de supermoeder uithangen. Best leuk af en toe.