Bestaat ADHD eigenlijk wel?

ADHD, steeds meer kinderen krijgen het label. Ik heb het zelf, twee van mijn kinderen ook. Toch gaan er steeds meer stemmen op die zeggen dat het eigenlijk helemaal niet bestaat.

Dit is mijn mening. Ik ben geen arts, geen expert en geen psycholoog. Ik ben wel erg geïnformeerd en ervaringsdeskundige.

Bestaat ADHD? Kort antwoord: Nee. Lang antwoord: Nee, maar ergens ook wel, maar eigenlijk niet. Ik weet dat dat niet erg duidelijk is, geef me even om het uit te leggen.
Er bestaan absoluut kinderen die niet functioneren in de omstandigheden waarin we ze plaatsen. We verwachten een hoop van onze kroost en doen dat ook nog eens onder niet echt optimale omstandigheden. Hoeveel kinderen groeien er op in een gebroken gezin of zijn meer op de opvang dan thuis?

Als ik een tijd enorm moet presteren onder kutomstandigheden dan zie je dat in mijn gedrag. Ik wordt boos, snel afgeleid en slaap slecht (wat weer een hoop andere ellende met zich mee brengt). Mijn prestaties worden dan snel minder.

Klinkt bekend hè…..

School als opvoeding.

In het leven van een kind is school zo’n beetje het grootste ding wat speelt. Op school zijn er een hoop eisen waar je aan moet voldoen. Stilzitten en opletten bijvoorbeeld. Maar ook de stof leren in het tempo en volgens de methode die is bepaald. Sommige kinderen kunnen dat prima, maar best veel ook niet. Verder worden de klassen steeds groter, zijn docenten onderbetaald en na het passend onderwijs heeft de juf een hoop meer te doen. De mazen van het net worden groter en groter en steeds meer kinderen vallen er doorheen.

Eenmaal gevallen begint het circus van gesprekken, rapporten en onderzoeken die uiteraard tot diagnoses lijden. En hoewel het aangetoond is dat ADHD medicatie geen effect heeft op de schoolprestaties op de lange termijn (ja, je las het goed, het heeft geen effect) is het wel heel makkelijk om er een pil in te stoppen. Het creatieve kind wat niet stil kon zitten blijft nu braaf op de plek en de docent kan rustig verder gaan.

Begrijp me niet verkeerd, er zijn echt geweldige docenten, ik ken er een paar. Mensen die echt alles over hebben voor de kinderen die ze lesgeven, die graag wat extra moeite doen. Maar dat zijn de uitzonderingen in een systeem wat kinderen en volwassenen bijna onherroepelijk wegzet als defect en alleen te repareren met een pil.

Opvoeding thuis doen dan maar?

Na school zijn meer en meer kinderen nog steeds niet klaar. Moe gewerkt worden ze losgelaten bij de naschoolse opvang. Ook dat kunnen echt wel leuke plekken zijn, maar het is niet thuis, niet veilig. De frustraties van de dag kunnen er niet uit.

Maar ja, thuisblijfouders worden door de politiek uitgekotst. Schuld aan de maatschappij enzo. Daarbij is het voor de meeste gezinnen financieel niet eens haalbaar. Dus is er geen keuze en begint de thuisopvoeding voor heel veel kinderen pas om zes uur. Samen aan tafel voor een haastige maaltijd, komen uiteraard de frustraties er dan wèl uit, dus van gezelligheid geen sprake. Na het eten zijn ook de ouders uitgeteld en gaat iedereen zo snel mogelijk naar bed om het hele circus morgen te herhalen. Liefde moet wachten tot het weekend.

Ik weet ook wel dat ik het wat scherp stel hier. Maar het ligt maar al te vaak heel dicht bij de waarheid. De rust en acceptatie die een kind nodig heeft om de schooldag te verwerken is er gewoon niet.

De verdwenen natuur.

Natuur is belangrijk voor ons. Niet alleen omdat we per dag een hoop van het spul moeten eten, ook om in te zijn. Het ontbreken ervan heeft een verwoestend effect op onze geest.

Vroeger kwamen kinderen bijna dagelijks buiten, in het bos of op het veld. Nu gebeurt dat amper meer. Wie woont er nu nog zo dichtbij een stuk groen, dat de kinderen daar zelf heen kunnen? Ik probeer vaak met ze te gaan, het helpt enorm, maar ook bij mij is tijd schaars. Een of twee klusjes die na schooltijd moeten en er zit al een spaak in het wiel.

Kinderen die spelen op betonnen speelplaatsen. Ouders die boos worden als ze onder de modder terug komen. Ik word er zo droevig van.

En het resultaat is?

Vind je het dan zo gek dat er kinderen zijn die dat niet volhouden? Die wanhopig proberen om aan de verwachtingen te voldoen, om elke keer teleurgesteld te falen? Of kinderen die, boos op de hele wereld, het niet eens meer proberen en agressie tonen.

Er zijn absoluut kinderen met een probleem. Het doet zo’n pijn om tegen een wanhopige ouder te zeggen dat haar kind, wat niet meer bereikbaar is en de wereld heeft afgewezen, een verzonnen diagnose heeft.

Het verschil zit hem in de oorzaak. Niet het kind is ziek, het systeem waarin we kinderen opvoeden. Daar zou de diagnose eigenlijk moeten liggen.

Niet voor niets blijkt ADHD niet voor te komen bij inheemse stammen. Waar kinderen hun eigen dag kunnen bepalen en voornamelijk buiten zijn, zie je geen van de gedragsproblemen die zo vaak voorkomen in onze maatschappij.

Mijn eigen kinderen.

Ha! Maar nu heb ik je! Je hebt zelf kinderen met een diagnose! Hartstikke hypocriet van je!

Ja, dat is zo. Mijn kinderen hebben ADHD. Als ik vertel hoe groot de druk is op ouders om er medicatie in te stoppen, dat spreek ik uit ervaring. Niet gedaan overigens, die medicatie.

Maar waarom dan wel de diagnose? Omdat, en nu komen we echt bij de rotte kern van deze ellende, ik mijn kind dus ziek, stuk, gehandycapt moet laten verklaren voordat hij en de docent de begeleiding krijgen die ze nodig hebben.

Er is niets mis met mijn jongens. Thuis is er echt geen enkel probleem. Ze zijn leuk, creatief, grappig en heel, heel liefdevol. Maar op school gaat het niet zo denderend. Dat hele stilzitten en opletten hè.

Thuis kunnen we uren spenderen aan het uitzoeken hoe de afwasmachine werkt. Beide jongens hebben een onverzadigbare drang om te leren en ontdekken. Beide zijn intelligent (ja, dat is getest) en zeer geïnteresseerd in vrijwel alles.

Maar zo werkt school niet. School leert geen techniek via afwasmachines, geen geografie via hun lievelingsdier, geen antropologie via Google Earth. En leren lezen doen ze niet uit de Donald Duck.

Na een flinke strijd zitten ze nu op een goede school. Weet je nog dat ik goede docenten ken? Daar zitten er een paar. Maar ook die school is gebonden aan protocollen. Mijn oudste heeft extra begeleiding nodig om in het school systeem te functioneren, dus moet hij een label, dan komt er geld vrij.

En is dat niet de wereld op zijn kop? School is ziek, maar ik moet verdedigen waarom ik geen pil in mijn kind wil. Bah!

Gaan feminisme en moederschap samen?

Een feministische moeder lijkt soms een contradictio in terminis. Met name in de tweede feministische golf leefde het idee dat vrouwen bevrijd moeten van het juk der moederschap. De pil en powersuits gaven ons de mogelijkheid om ons mannelijke kracht eigen te maken. Is het dan wel mogelijk om kinderen te krijgen en toch vast te houden aan je idealen?

Kort antwoord: ja natuurlijk. Als alle feministen uit de jaren 70 geen kinderen hadden gekregen dan was de beweging toch snel uitgestorven.

Maar eigenlijk ligt de vraag wat dieper, zit er meer nuance aan. Het gaat er om of het beeld van de huiselijke moeder, die haarzelf volledig of grotendeels aan de zorg voor haar kroost wijdt, verenigd kan worden met het beeld van de krachtige, onafhankelijke vrouw. En om het alvast lekker duidelijk te maken; ik vind dat dat prima kan.

Kan het beeld van de huiselijke moeder verenigd worden met de krachtige, onafhankelijke vrouw?

Mannen nadoen.

Het feminisme van onze moeders had een specifieke stijl. Omdat mannen tot dan toe de maatschappelijke macht hadden, werden hun trekken overgenomen. Zo ook, ten dele, de ‘mannelijke’ kijk op ouderschap. Kinderen zijn leuk, maar gaan niet ten koste van een carrière.

Begrijp me niet verkeerd. Dat was een belangrijke tijd. Veel van onze vrijheden zijn toen bevochten en ik ben deze vrouwen zeer dankbaar. Ik snap ook volledig waarom ze hun activisme zo hebben ingevuld. Toch is daarmee wel iets opgeofferd. Een uniek, vrouwelijke kracht is tijdelijk verloren gegaan. Nu is het moment om die terug te claimen.

De truttige feminist.

Het moge absoluut, overduidelijk zijn dat ik een feminist ben. Ik ben zelfs vrij activistisch in mijn overtuigingen. Toch is de moeder rol heel belangrijk in mijn leven. Ik werk niet buitenshuis en ik ben de voornamelijke verzorger van mijn kinderen. Voor mij zijn die twee rollen heel verenigbaar.

Hoewel er absoluut niets mis is met een moeder die full time buitenshuis werkt, vind ik ook absoluut niets mis met de moeder die bij haar kinderen is. De moeder die thuis is, boterhammen smeert, kinderen baart, draagt en voedt, De truttige, vaak zelfs hippie achtige, moeder.

Even een grappig zijpaadje: Als een thuisblijf vader zich feminist noemt, vinden we dat allemaal heel gaaf. In vrijwel elke feministische kring wordt zo’n man op handen gedragen. Een vent die zorgt, heerlijk! (En dat is het ook hoor, daar niet van.)

Doet een vrouw hetzelfde, dan wordt er behoorlijk vaak op haar neer gekeken. Dan is het ineens de mindere keuze. Is dat niet gek? (Of gewoon diep triest?)

Ouderschap als zware taak.

Even voorbij mannen en vrouwen. Zorgen voor de volgende generatie is gewoon een prachtige, zware en ontzettend belangrijke taak. Onderzoek heeft uitgewezen dat te veel kinderopvang schadelijk is. Dat kinderen zoveel mogelijk bij hun ouders horen. Ik zie totaal niet hoe het uitvoeren van die taak, door wie dat ook gebeurt, in strijd moet zijn met het ideaal van gelijke maatschappelijke behandeling.

Ik zie om me heen dat er een nieuw soort ouder opstaat. De feministische moeder. Een vrouw die vanuit kracht, liefde en zorg voor het moederschap kiest. Een vrouw die zich niet wil laten wegzetten, maar er voor kiest om niet mee te doen aan de patriarchale wereld van snelle carrières. En dat is niet verkeerd, dat is niet zwak, dat is juist nu ontzettend sterk!

Vrouwen nadoen.

Ik snap waarom we, om ons te bevrijden, een tijdje lang onze vrouwelijke kracht opzij moesten zetten. Waarom onze moeders kozen voor een mannelijke aanpak. Maar we zijn nu verder, we vechten nu op een ander terrein. Nu mag de weg vrij voor de vrouwelijke feminist. Voor jurken en melkige borsten, voor draagdoeken en eindeloze boterhammen.

Wij zijn de nieuwe strijdsters. En de definitie van vrouwelijkheid is zo veel groter geworden. Er is ruimte voor schoudervullingen, maar ook voor een voedings-bh.

Scheren met suiker.

Effe een lekker oppervlakkig blogje hoor. Mag ook wel eens. Dat schrijft en leest lekker weg.

Ok, scheren dus. Iets wat veel mensen met regelmaat doen, maar de meeste huiden eigenlijk best wel rot vinden. Dus wordt je huid boos op je en neemt wraak met rode bultjes, jeuk en pijn. (Wahahahaha! Dat zal je leren!)

En ik weet dat er mensen zijn die zonder enige moeite dat mes over hun huid ratsen. En dan echt nooooooit bultjes hebben. Dat zijn meestal van die mensen die vervelend genoeg ook nog eens heel aardig zijn, zodat je niet eens lekker boos op ze kan worden omdat hun leven echt zoveel makkelijker is dan jouw jeukgevulde bestaan.

Aaaaaannnyway. Scheren dus. Toen ik nog dagelijks voorovergebogen in een badpak voor tientallen ouders mocht optreden was dat echt wel een puntje in mijn leven. Ik kan je zeggen, het chloorwater helpt ook niet. Dus heb ik flink wat trucjes en methodes uitgeprobeerd om mijn huid een beetje blij (en haarloos) te houden.

Mijn oplossing? Suiker. Ja echt. Suiker en olie. Geen geintje, voor mij werkt het als een tierelier. (wat dus echt niet wil zeggen dat ik nooit meer van die bultjes heb, maar het is wel 90% minder)

Wat je doet: pak een kom en doe daar suiker in (hoeveel? Eeeeehhh, twee handjes vol ofzo. Het hangt ervan af hoeveel je haarloos wilt hebben en hoe jouw haar is.). Dan gooi je er olie bij tot de suiker onder staat. (Ik vind olijfolie prima, maar het maakt echt niet veel uit. Wil je dure argan olie uit een klooster in tibet gebruiken, doe je ding.)

Het resultaat meng je even door elkaar, extra punten als je er ook wat etherische geur olie bij doet. (Maar geen munt of citroen achtige dingen. Echt niet doen, je doos wordt heel boos.)

Voor het gemak pak je nog een kom en daar doe je wat afwasmiddel in. Dan loop je naar de douche.

Pak je suikerspul en scrub je daar goed mee in. Alles wat je haarloos wilt krijgt een stevige schuurbeurt. Dan spoel je af. Resultaat: nu ben je heel vettig.

Dat vet is je glijmiddel voor je scheermesje. Geen scheerzeep nodig dus. Je zal merken dat er al snel veel vieze prut op je mesje komt. Kijk maar eens goed, dat ben jij. Je haren en vieze, oude, dode huidcellen. Bah!

Om je mesje schoon te maken gebruik je het kommetje met afwasmiddel sop. Anders slibt de boel dicht en werkt het niet meer.

Dat is het! Na deze behandeling heb je een zachte en meteen verzorgde huid die minder boos is dan na scheerzeep. Laat de overgebleven olie lekker op je huid zitten, is goed voor je. Vergeet niet om de douche even schoon te maken, anders glijd de volgende gebruiker echt heel spectaculair uit.

Oh, en als je de gelukkige bezitter van een vagina bent, zorg dat je echt alle suiker er goed uit spoelt, anders krijg je weer een heel ander soort jeuk.

Nog even voor alle duidelijkheid: dit is voor die mensen die zin hebben om zich te scheren. Hou je niet van haarloos, dan doe je het lekker niet. Net zo makkelijk. (Of eigenlijk nog veel makkelijker.)

Dus in afwachting van mooi zomerweer zeg ik alvast; scheer em!

Wie doet het huishouden?

Huishouden moet in elk huis gebeuren. Maar door wie eigenlijk? Is onze traditionele taakverdeling wel eerlijk verdeeld?

Wat doet de oppas?

Soms ga ik wel eens iets doen zonder mijn kinderen (Ik weet…choquerend). Als officier Pappa niet thuis is betekent dat een oppas. We hebben een hele leuke, ik heb nog op haar gepast toen zij klein was.

Ik verwacht van mijn oppas dat ze voor mijn kinderen zorgt en dat ze het ook nog een beetje leuk voor ze maakt. Verder niets eigenlijk. Ik vind het heel normaal dat ik thuiskom en er overal speelgoed ligt. De oppas is er niet om huishoudelijke taken te doen.

Op een kinderdagverblijf wordt er voor kinderen gezorgd. De leidsters ruimen aan het eind van de dag op, maar ze staan niet te dweilen en te poetsen tussen de kinderen door.

Ergens beseffen we dus dat het zorgen voor kinderen een baan op zich is. Schoonmaken is een compleet andere taak.

Hoe verdelen we het thuis?

Dan de thuisblijvende ouder. Daar liggen de verwachtingen heel anders. Uiteraard moet er iets met de kinderen. Ze moeten er leuk uitzien, er moet voedsel in en ze moeten gestimuleerd. Afhankelijk van leeftijd moeten ze naar plekken gebracht en gehaald.

Maar dat huis moet ook schoon, de was moet gedaan, de afwas afgewassen. Traditioneel behoort het huishouden ook tot de taak van de thuisblijvende ouder. En daar wringt bij mij de schoen.

Kijk, praktisch gezien moeten er nu eenmaal dingen gedaan en kunnen de meeste mensen geen schoonmaker en kok betalen. Iemand moet het doen. Maar die iemand is, mijns inziens dus niet by default degene die ook voor de kinderen zorgt. Want die is voor die kinderen aan het zorgen!

Hoeveel FTE’s zijn dat?

Ik weet ook uit ervaring dat buitenshuis werken zwaar is. Echt wel. Maar uitzonderingen daargelaten doet niemand meer dan 1 fte. Dan kom je thuis en wil je klaar zijn.

Maarrrrrr! Thuis gebeurt er ook wat. Ervan uit gaande dat 1 fte 38 uur per week is zien de taken er in een gezin als volgt uit:

  • Zorgen voor de kinderen: 4.4 fte (24/7, bij kleine kinderen)
  • Huishoudelijke taken: 0.7 fte (beetje een gok)
  • Werk buitenshuis: 1 fte (uitgaande van 1 salaris. Kan uiteraard ook meer zijn)

Totaal gebeurt er dus voor 6.1 fte aan werk. Dat betekend dat je dus gewoon minstens 6 volwassenen nodig hebt om een gezin een beetje lekker te laten draaien!

Maar goed, snap je dat ik de verdeling waarbij de ene partner 1 fte draait en de andere er 5 eeeenigzins scheef vindt?

Maar hoe moet het dan?

Natuurlijk is dat nogal scherp gesteld. Eenmaal thuis zorgt de werkende ouder ook voor de kinderen en zal ook vast wel weten waar de afwasmachine staat. Maar het blijft vaak scheef. Er blijft die verwachting van een spic en span huis bij thuiskomst.

Een echte oplossing heb ik niet. Of ja, toch wel. Weer in stamverband leven. Grappig genoeg zijn 6 volwassenen precies wat je krijgt als je de grootouders erbij betrekt.

In onze huidige maatschappij leven we vaak apart, je zal het vaak met het nucleaire gezin moeten doen. Dus wat dan?

Nou een beetje begrip bijvoorbeeld. Dat helpt al heel erg. Waar beide ouders een aantal dagen werken en thuis zijn is dat er meestal vanzelf, maar zeker in gezinnen waar de een buiten en de ander binnen werkt, schort het er aan.

Tijd voor verandering.

Die was die blijft liggen is echt niet omdat ik lui ben. Dat is omdat ik geen tijd had. De kinderen staan niet uit na acht uur werk en de meeste maaltijden vallen buiten kantoortijd.

Ik weet hoe zwaar dit is. Het is niet leuk, het is niet eerlijk. Het zou echt anders moeten, maar het is nu eenmaal zo.

Na generaties van moeders die doodongelukkig en overspannen zijn, is het tijd om het anders te doen.

Een baan kan echt zwaar zijn. De ouder die elke ochtend het huis uit stapt maakt echt een opoffering. Maar degene die thuis blijft ook. Dat is ook werk, en dat houdt niet op om vijf uur.

Het is tijd dat we het anders zien. Dat we ons bewust zijn van de ongelijke verdeling en dat we degene die thuis blijft eens wat meer gaan waarderen.

Dus lieve werkende ouder: als je thuis komt, pak een kop koffie en ga er tegenaan. Of op zijn aller, allerminst, geef een compliment aan degene die je kinderen toch weer een dag in leven heeft gehouden.